ECLI:NL:RBROT:2024:13589
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in huurzaken
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die haar kantonzaken behandelde, omdat zij meent dat hij haar onrecht heeft aangedaan in eerdere zaken en onpartijdig zou zijn. De rechter zou volgens haar onterechte en beledigende beweringen hebben overgenomen en persoonlijke informatie onnodig hebben opgenomen, wat haar reputatie schaadde.
De wrakingskamer onderzocht het verzoek en concludeerde dat onvrede over eerdere vonnissen geen grond is voor wraking. Verzoekster kon niet concreet maken waarom zij zich niet gehoord voelde en gaf onvoldoende onderbouwing voor de vermeende partijdigheid. Ook de beschuldiging dat de rechter de zaak naar zich toe zou hebben getrokken werd weerlegd met uitleg over het verdeelsysteem.
De kamer oordeelde dat er geen zwaarwegende aanwijzingen zijn voor de schijn van partijdigheid. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan zwaarwegende aanwijzingen voor partijdigheid.