Uitspraak
[verzoekster], uit [plaatsnaam 1], verzoeker
het college van burgemeester en wethouders van Schiedam
[naam 2]uit [plaatsnaam 2] (derde-belanghebbende)
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft het college gevraagd handhavend op te treden tegen illegaal gebouwde paardenstallen en aanhorigheden op een perceel, vanwege overlast van onder meer paarden. Het college legde een last onder dwangsom op aan de eigenaar van het perceel met een begunstigingstermijn van 12 maanden om de overtredingen te beëindigen.
Verzoeker vond deze termijn te lang en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om de termijn te verkorten. De voorzieningenrechter oordeelde dat hoewel de termijn aan de lange kant is en het college onvoldoende heeft gemotiveerd dat deze redelijk en passend is, er geen spoedeisend belang is om de termijn nu te verkorten.
De voorzieningenrechter verwees naar het bestemmingsplan waarin hobbymatig gebruik van paarden is toegestaan, waardoor de overlast niet zodanig spoedeisend is dat een kortere termijn noodzakelijk is. Tevens is het belang van de eigenaar meegewogen. De voorzieningenrechter drong aan op een snelle behandeling van het bezwaar door het college en wees het verzoek af.
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen begunstigingstermijn van 12 maanden is afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.