ECLI:NL:RBROT:2024:3131
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing gehandicaptenparkeerkaart passagier wegens onvoldoende medisch advies
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een Europese gehandicaptenparkeerkaart voor passagiers, welke door verweerder is afgewezen op basis van een medisch advies dat zij niet continu afhankelijk zou zijn van hulp van de bestuurder.
De rechtbank oordeelt dat het oorspronkelijke medisch advies onvoldoende inzichtelijk was, met name omdat niet duidelijk was of de verzekeringsarts de duizeligheid en wegrakingen van eiseres had betrokken in zijn beoordeling. Hierdoor is het beroep gegrond verklaard wegens een motiveringsgebrek.
Echter, verweerder heeft dit motiveringsgebrek hersteld met een aanvullende verklaring van een medisch adviseur waarin wordt toegelicht dat de klachten van duizeligheid en wegrakingen geen aanleiding geven tot een ander oordeel. De rechtbank acht deze nadere motivatie voldoende en concludeert dat eiseres niet voldoet aan de voorwaarde van continue afhankelijkheid van hulp.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit, maar laat de rechtsgevolgen daarvan in stand, waardoor eiseres geen gehandicaptenparkeerkaart wordt toegekend. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard wegens motiveringsgebrek, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand; eiseres krijgt geen gehandicaptenparkeerkaart.