ECLI:NL:RBROT:2024:3264
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening moratorium en niet-ontvankelijkheid verzoek schuldsaneringsregeling
Verzoeker heeft bij de rechtbank Rotterdam een verzoek ingediend op grond van artikel 287b Faillissementswet om een voorlopige voorziening te treffen die de ontruiming van zijn woonruimte zou schorsen. De rechtbank constateerde dat er sprake was van een bedreigende situatie vanwege het vonnis tot ontruiming en het exploot dat ontruiming aankondigde.
Desondanks werd het verzoek afgewezen omdat verzoeker onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij de lopende huurtermijnen kan voldoen en zich zal inspannen om het minnelijk schuldhulpverleningstraject te doorlopen. Verzoeker was niet ter zitting verschenen en had niet de benodigde informatie, zoals een actueel uittreksel uit de basisregistratie en een recente schuldenlijst, aangeleverd.
De rechtbank overwoog dat het belang van de schuldeiser, die het vonnis wil uitvoeren, zwaarder weegt dan het belang van verzoeker om in de woning te blijven. Tevens werd verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling omdat het minnelijk traject kennelijk niet is opgestart. De rechtbank gaf aan dat verzoeker te zijner tijd een nieuw verzoek kan indienen.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening moratorium wordt afgewezen en verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling.