Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[eiser 1],
1.De procedure
- de dagvaarding van 2 oktober 2023, met bijlagen;
- het antwoord;
- de aanvullende stukken van [eisers] van 27 februari 2024.
Rechtbank Rotterdam
De huurder huurt sinds augustus 2022 een woning voor € 930,88 per maand en heeft sinds juli 2023 geen huur meer betaald, waardoor een aanzienlijke huurachterstand is ontstaan van € 7.647,04 tot en met februari 2024. Eisers vorderen betaling van de achterstand en ontbinding van de huurovereenkomst.
De kantonrechter oordeelt dat de huurachterstand ernstig genoeg is voor ontbinding conform artikel 6:265 BW Pro, ondanks persoonlijke omstandigheden van de huurder en een niet tijdige melding aan de gemeente voor schuldhulpverlening. De huurder is veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, incassokosten en wettelijke rente.
De huurder moet de woning binnen veertien dagen ontruimen en een gebruiksvergoeding betalen tot de ontruiming. Verzoeken tot een langere ontruimingstermijn en niet uitvoerbaar bij voorraad verklaren zijn afgewezen. De proceskosten worden aan de huurder opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken door mr. V.F. Milders.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, incassokosten, en ontruiming binnen veertien dagen.