Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- het schriftelijke wrakingsverzoek van verzoekster van 20 december 2023;
- de schriftelijke reactie van de rechter van 19 april 2024.
- de advocaat van verzoekster;
- de rechter.
2.Het wrakingsverzoek
de nieuwe GI reeds op de gang zat te wachten”. De rechter refereerde hiermee aan het verzoek van de GI om vervangen te worden, welk verzoek niet aan de orde was in zaak C/10/646170, maar in de hoofdzaak.
3.De beslissing
gaat om het vertrouwen”, om aan te tonen dat het vertrouwen van verzoekster in de rechter geschaad is. Dit vormt volgens de wrakingskamer echter geen nadere c.q. afdoende onderbouwing van het gegeven dat sprake zou zijn van een (objectieve) schijn van vooringenomenheid van de rechter jegens verzoekster.