Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de raad voor de kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht (hierna: de raad), vertegenwoordigd door [persoon A] .
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde op 1 mei 2024 het verzoek van de moeder om het gezamenlijk gezag over de oudste minderjarige te beëindigen en het gezag aan haar alleen toe te kennen. De vader was niet verschenen, ondanks behoorlijke oproeping.
De ouders hadden een affectieve relatie en zijn gezamenlijk gezagdragers over de oudste minderjarige. De moeder oefent alleen gezag uit over de jongste minderjarige. De vader erkende de kinderen, maar sinds september 2023 is er geen contact meer tussen de ouders; de vader verblijft vermoedelijk in Spanje en heeft sporadisch telefonisch contact met de kinderen.
De rechtbank stelde vast dat de vader de moeder ernstig mishandeld had in september 2023, waarvoor aangifte is gedaan. De relatie kenmerkte zich door agressief gedrag van de vader jegens de moeder. Door het ontbreken van contact en betrokkenheid van de vader bij het dagelijks leven van de kinderen, is er een onaanvaardbaar risico dat de oudste minderjarige klem of verloren raakt tussen de ouders.
De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde het eenhoofdig gezag aan de moeder toe te kennen. De rechtbank volgde dit advies en besloot het gezamenlijk gezag te beëindigen en het gezag over de oudste minderjarige aan de moeder toe te kennen. Elke partij draagt de eigen proceskosten.
Uitkomst: Het gezamenlijk gezag over de oudste minderjarige wordt beëindigd en het eenhoofdig gezag wordt toegekend aan de moeder.