Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 29 april 2024, met producties 1 tot en met 7;
- de aanvullende producties van eiseres;
- de spreekaantekeningen van eiseres.
2.De feiten
De huurperiode
3.Het geschil
4.De beoordeling
715,00
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde een kort geding tussen Stichting Leger des Heils en een gedaagde die woonruimte had verkregen onder een zorg- en dienstverleningsovereenkomst gekoppeld aan een huurovereenkomst. De gedaagde weigerde zorgverlening en had een aanzienlijke huurachterstand opgebouwd.
De zorg- en dienstverleningsovereenkomst en de huurovereenkomst waren onlosmakelijk met elkaar verbonden, waarbij de huurovereenkomst afhankelijk was van de zorgovereenkomst. Na beëindiging van de zorgovereenkomst door eiseres wegens weigering van zorg en niet-nakoming van verplichtingen, was ook de huurovereenkomst geëindigd.
De voorzieningenrechter verleende verstek tegen de gedaagde die niet was verschenen en oordeelde dat de ontruiming binnen een week na betekening moest plaatsvinden. De rechter hield rekening met de belangen van de minderjarige kinderen, maar vond dat de gedaagde geen recht had om zonder huurbetaling en zonder zorgacceptatie in de woning te blijven. De gevorderde machtiging voor ontruiming met inzet van politie werd afgewezen als overbodig. Gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen één week na betekening en in de proceskosten.