Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 juni 2024 in de zaak tussen
[eiseres], uit [plaatsnaam], eiseres
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, verweerder
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Bevinding(en):
Rechtbank Rotterdam
Eiseres, een pluimveehouder, kreeg een boete van €3.000 opgelegd wegens het niet nemen van passende maatregelen na constatering van ernstige voetzoollaesies bij vleeskuikens. Deze laesies wijzen op slechte dierenwelzijnsomstandigheden. Na bezwaar werd de boete gematigd tot €2.700. De toezichthouder van de NVWA had op 22 december 2021 bij een inspectie een hoog percentage laesies vastgesteld.
Eiseres stelde dat de hoge score het gevolg was van een gesprongen waterleiding die leidde tot nat strooisel en tijdelijke verslechtering van de omstandigheden. Zij had direct maatregelen genomen om het strooisel te vervangen. De rechtbank oordeelde dat het springen van de waterleiding een onvoorziene omstandigheid was en dat de geconstateerde laesies daardoor geen representatief beeld gaven van de genomen maatregelen.
De rechtbank stelde vast dat verweerder onvoldoende had onderbouwd dat eiseres nalatig was geweest en dat de boete daarom onterecht was opgelegd. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, en het boetebesluit herroepen. Tevens werden proceskosten en griffierecht aan eiseres vergoed.
Uitkomst: De boete wordt vernietigd en het beroep van eiseres wordt gegrond verklaard vanwege een onvoorziene waterleidingbreuk die de situatie tijdelijk verstoorde.