ECLI:NL:RBROT:2024:6025
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening compensatie kinderopvangtoeslag in hersteloperatie toeslagenaffaire
De rechtbank Rotterdam heeft op 21 juni 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak over de hoogte van de compensatie voor een eiseres in het kader van de hersteloperatie toeslagenaffaire over de jaren 2009 en 2010.
Eiseres was het niet eens met de vastgestelde compensatie van € 41.741,-, met name over de niet betaalde/verrekende kinderopvangtoeslag en de rentevergoeding. Zij stelde dat het bedrag van de niet betaalde toeslag lager moest zijn dan door verweerder vastgesteld, onderbouwd met onafhankelijke documenten. De rechtbank oordeelde dat de gegevens van het Landelijk Incasso Bureau in principe leidend zijn, tenzij belanghebbende stukken overlegt die daaraan twijfelen. In dit geval waren de stukken van eiseres voldoende om het bedrag te corrigeren naar € 14.053,-.
Daarnaast was er discussie over de rentevergoeding. De rechtbank stelde vast dat de berekening van de rente door verweerder conform de wettelijke bepalingen was uitgevoerd en dat het gehanteerde rentepercentage juist was. De rechtbank oordeelde ook dat de immateriële schadevergoeding door moest lopen tot aan de datum van het bestreden besluit, omdat het bezwaar gegrond werd verklaard.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet de compensatie herberekenen met een lager bedrag voor niet betaalde toeslag en een langere immateriële schadevergoeding.