Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- mevrouw [persoon A] , schuldhulpverlener bij Kredietbank Rotterdam (hierna: schuldhulpverlening).
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een schuldregeling aangeboden aan veertien concurrente schuldeisers, met een voorstel van circa 22,75% betaling van de totale vorderingen. Dertien schuldeisers stemden in, maar Billink, met een vordering van €119,63 (0,6% van de totale schuld), weigerde mee te werken zonder opgave van reden.
De rechtbank overwoog dat Billinks belang bij volledige betaling gering is in verhouding tot het belang van verzoekster en de andere schuldeisers die instemden. Het voorstel is getoetst en ondersteund door een onafhankelijke partij, de Kredietbank Rotterdam, en is gebaseerd op de afloscapaciteit van verzoekster, die vanwege medische omstandigheden slechts 20 uur per week kan werken.
De rechtbank concludeerde dat het dwangakkoord het uiterste is wat verzoekster kan bieden en dat toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling minder oplevert voor schuldeisers door bijkomende kosten. Daarom wordt Billink bevolen in te stemmen met het akkoord, dat nu gedwongen van kracht is. Het subsidiaire verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen. Billink wordt veroordeeld in de proceskosten, die nihil zijn vastgesteld.
Uitkomst: Billink wordt bevolen in te stemmen met de schuldregeling, het dwangakkoord treedt in de plaats van vrijwillige instemming.