Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam dat een tegemoetkoming in planschade toekent wegens de realisatie van het windpark Hartelbrug II. De rechtbank beoordeelt of sprake is van planologische verslechtering en de juistheid van de taxaties.
De rechtbank oordeelt dat voor het kantoorpand geen planologische verslechtering is aangetoond, mede vanwege de ligging in een bedrijvige omgeving en het ontbreken van aantasting van de exploitatiemogelijkheden. De woning is terecht als half vrijstaand getaxeerd, waarbij de taxatie van de SAOZ als zorgvuldig en deugdelijk wordt beoordeeld ondanks verschillen met contra-expertise. De vastgestelde waardedaling van circa 5,3% wordt als middelzware planschade geclassificeerd en is voldoende gemotiveerd.
Verder is vastgesteld dat de redelijke termijn voor de procedure is overschreden met 21 maanden, waarvoor een immateriële schadevergoeding wordt toegekend. Het beroep wordt ongegrond verklaard, de tegemoetkoming in planschade gehandhaafd, en de proceskosten worden deels aan verweerder en deels aan de Staat toegerekend.