Uitspraak
[veroordeelde],
Feiten
Procedure
Bezwaar
Standpunt van de reclassering
Standpunt van het Openbaar Ministerie
Beoordeling
Beslissing
75 (vijfenzeventig);
12 (twaalf)maanden na heden moet worden voltooid.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
De politierechter heeft op 1 maart 2024 een taakstraf van 80 uren opgelegd aan de veroordeelde met een vervangende hechtenis van 40 dagen bij niet-naleving. Het Openbaar Ministerie besloot op 26 april 2024 tot toepassing van 38 dagen vervangende hechtenis, maar deze beslissing was niet ondertekend door een officier van justitie, wat een vormverzuim opleverde.
De veroordeelde diende op 19 juli 2024 bezwaar in tegen deze omzetting, stellende dat hij wegens miscommunicatie een deel van zijn taakstraf niet had kunnen verrichten en verzocht om een nieuwe kans. De rechtbank behandelde dit bezwaar op 23 augustus 2024, waarbij de officier van justitie ter zitting de omzettingsbeslissing alsnog ondertekende.
De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van de handtekening aanvankelijk de rechtsgeldigheid van de omzettingsbeslissing in twijfel trok, maar dat de mondelinge bevestiging ter zitting dit herstelde. De rechtbank verklaarde het bezwaar ontvankelijk en gegrond, omdat de veroordeelde verwijtbaar de taakstraf niet volledig had uitgevoerd, maar vanwege persoonlijke omstandigheden een laatste kans verdient. De vervangende hechtenis werd opgeheven en de termijn voor het voltooien van de resterende 12 uur taakstraf met 12 maanden verlengd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de omzetting van taakstraf in vervangende hechtenis is gegrond verklaard, de vervangende hechtenis opgeheven en de taakstraftermijn met 12 maanden verlengd.