De kinderrechter van de rechtbank Rotterdam behandelde op 12 augustus 2025 twee verzoeken van de gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdzorg en Reclassering betreffende een minderjarige geboren in 2008. Het eerste verzoek betrof een machtiging tot verblijf in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor een resterende periode van twee maanden, maar dit verzoek werd door de GI ingetrokken en daarom afgewezen.
Het tweede verzoek betrof een machtiging tot uithuisplaatsing in een open accommodatie voor de duur van vier maanden, welke door de GI gehandhaafd werd. De kinderrechter constateerde op basis van de stukken en de zitting dat de minderjarige positieve ontwikkelingen had doorgemaakt binnen de gesloten setting, waaronder minder escalaties en betere emotiecontrole, en dat hij klaar was om over te gaan naar een open setting.
De ouders stemden in met het verzoek en zetten zich actief in voor een succesvolle thuisplaatsing, waarbij zij zorgverlof zullen opnemen. De kinderrechter prees de inzet van de ouders, de minderjarige en de betrokken professionals. De machtiging werd verleend met ingang van 12 augustus 2025 tot 12 december 2025 en de beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat deze direct geldt ook bij hoger beroep.