Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- de beschikking van 15 mei 2025;
- de verslagen van de bijzondere curator van 9 juni en 18 juli 2025;
- het verweerschrift met bijlagen, ingekomen 29 juli 2025.
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de bijzondere curator;
- de raad voor de kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht (hierna: de raad), als adviseur, vertegenwoordigd door [naam 2].
2.De vaststaande feiten
- de minderjarigen verblijven in de even weken van maandag tot donderdagochtend bij de vrouw en van donderdagmiddag tot zondagavond bij de man;
- vervolgens verblijven de minderjarigen in de oneven weken vanaf zondagavond tot dinsdagochtend bij de vrouw, van dinsdagmiddag tot vrijdagochtend bij de man en vanaf vrijdagmiddag tot maandag bij de vrouw;
- de vakanties worden bij helfte en de feestdagen worden in onderling overleg verdeeld.
3.De beoordeling
- voor de duur van twee maanden verblijven de kinderen iedere zondag van 14.00 uur tot 17.00 uur bij de man;
- in de daaropvolgende twee maanden verblijven de kinderen om het weekend van zaterdag 12.00 uur tot zondag 17.00 uur;
- vervolgens geldt de regeling dat de kinderen om het weekend van vrijdag 17.00 uur tot zondag 17.00 uur bij de man verblijven;
- waarbij het halen en brengen tussen partijen wordt gedeeld, en;
- waarbij de vakanties en feestdagen tussen partijen bij helfte wordt verdeeld.
- Welke omgangsregeling komt het meest tegemoet aan de belangen van met name [minderjarige 2]?
- Hoe moet de regeling qua aard, duur en frequentie vorm gegeven te worden?
- Welke andere feiten en/of omstandigheden die uit het onderzoek zijn gekomen, zijn niet in voorgaande vragen aan de orde gesteld en zijn wel van belang om in het advies te vermelden?