De rechtbank Rotterdam behandelde het verzoek van een schuldenaar om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) vanwege een problematische schuldensituatie van €16.986,92.
Hoewel de schuldenaar schulden had die niet te goeder trouw waren ontstaan, met name aan de Belastingdienst en het CJIB, werd het verzoek toch toegewezen op grond van de hardheidsclausule. De rechtbank stelde vast dat de schuldenaar onder budgetbeheer staat en geen auto meer bezit, waardoor het risico op nieuwe motorrijtuigenbelasting en boetes gering is. Hierdoor is vertrouwen in nakoming van verplichtingen binnen de WSNP gerechtvaardigd.
De rechtbank wees het verzoek af om de ingangsdatum van de WSNP terug te zetten naar 22 oktober 2024, omdat niet kon worden vastgesteld dat de schuldenaar maximaal had afgelost en zich maximaal had ingespannen om baten te verwerven voor schuldeisers. De WSNP-termijn begint daarom op de datum van het vonnis, 4 september 2025.
Er werd een bewindvoerder benoemd die toezicht houdt op de naleving van verplichtingen, en een rechter-commissaris werd aangesteld voor toezicht op de bewindvoerder. De regeling duurt achttien maanden en eindigt met een schone lei indien alle verplichtingen worden nagekomen.