Nouta Westland Gerechtsdeurwaarderskantoor B.V. vordert betaling van een factuur van € 8.737,15 van [gedaagde] wegens incassowerkzaamheden. [gedaagde] betwist dat een algemene incasso-overeenkomst is gesloten en stelt dat de opdracht slechts zag op het leggen van conservatoir beslag. Daarnaast voert zij aan dat Nouta niet aan haar informatieverplichtingen heeft voldaan en dat de factuur buitenproportioneel is.
De rechtbank stelt vast dat partijen een overeenkomst van opdracht hebben gesloten, waarbij Nouta werkzaamheden zou verrichten gericht op het leggen van conservatoir beslag. Er is geen algemene volmacht gegeven voor verdere incassowerkzaamheden. Nouta heeft geen bewijs geleverd van incassomaatregelen buiten het voorbereidend contact en verzoeken om aanvullende informatie.
De rechtbank bepaalt dat het toepasselijke tarief voor incassowerkzaamheden niet van toepassing is en stelt een redelijk loon vast van € 900,- op basis van een geschatte tijdsbesteding van 6 uur tegen € 150,- per uur. Daarnaast wordt een bedrag van € 210,- aan uitkoopkosten toegewezen. De overige posten, zoals compliance opslag en verschotten, worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Verder wordt [gedaagde] veroordeeld tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten van € 166,50 en contractuele rente van 1% per maand over het toegewezen bedrag vanaf 15 mei 2023. De proceskosten worden deels aan [gedaagde] opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.