Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot opheffing van haar faillissement van 30 januari 2024, met gelijktijdige toepassing van de schuldsaneringsregeling (Wsnp). Zij werkte fulltime tijdens het faillissement en droeg conform de berekening het vrij te laten bedrag af. De curator adviseerde positief over het verzoek, ondanks enkele maanden waarin verzoekster haar afdrachtverplichting niet volledig nakwam vanwege inschakeling van een accountant.
De rechtbank stelde vast dat verzoekster ontvankelijk is in haar verzoek op grond van artikel 15b lid 1 Faillissementswet, omdat het faillissement op eigen aangifte was uitgesproken en geen verificatievergadering had plaatsgevonden. De rechtbank oordeelde dat verzoekster voldoende medewerking heeft verleend en aannemelijk heeft gemaakt dat zij aan de verplichtingen van de Wsnp zal voldoen.
De looptijd van de Wsnp wordt standaard op 18 maanden gesteld, ingaand op de datum van het vonnis. De rechtbank verkortte de looptijd met veertien maanden vanwege de inspanningen van verzoekster tijdens het faillissement en de gedeeltelijke nakoming van haar afdrachtverplichtingen. Verzoekster heeft toegezegd de ontstane achterstand van €1.767 op de boedelrekening tijdens de Wsnp in te lopen.
De rechtbank stelde het salaris van de curator en de verschotten vast en benoemde een rechter-commissaris en bewindvoerder. Tevens werd een datum voor de verificatievergadering vastgesteld op 20 januari 2026. De Wsnp loopt daardoor tot 28 februari 2026.