ECLI:NL:RBROT:2025:14539

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
28 oktober 2025
Publicatiedatum
11 december 2025
Zaaknummer
C/10/706580 / JE RK 25-1886
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging ondertoezichtstelling van een minderjarige in het kader van jeugdbescherming

Op 28 oktober 2025 heeft de kinderrechter van de Rechtbank Rotterdam een beschikking gegeven over de verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige, geboren in 2010. De kinderrechter heeft de gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering (GI) verzocht om de ondertoezichtstelling van de minderjarige te verlengen voor de duur van een jaar. De moeder van de minderjarige is belast met het ouderlijk gezag en de minderjarige woont bij de oma vaderszijde. Tijdens de zitting, die op 28 oktober 2025 plaatsvond, waren de ouders en de oma niet aanwezig, ondanks dat zij correct waren opgeroepen. De kinderrechter heeft vastgesteld dat de ontwikkeling van de minderjarige ernstig wordt bedreigd en dat er onvoldoende zicht is op de thuissituatie. De GI heeft aangegeven dat er weinig contact is met de minderjarige en haar ouders, en dat er geen duidelijke afspraken zijn gemaakt over de opvoeding. De kinderrechter heeft geconcludeerd dat de ondertoezichtstelling noodzakelijk blijft om de ontwikkeling en veiligheid van de minderjarige te waarborgen. De kinderrechter heeft de ondertoezichtstelling verlengd tot 9 november 2026 en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team jeugd
Zaaknummer: C/10/706580 / JE RK 25-1886
Datum uitspraak: 28 oktober 2025
Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling
in de zaak van
de gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering, gevestigd te Rotterdam,
hierna te noemen: de GI,
over
[minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2010 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen: [voornaam minderjarige] .
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:
[naam moeder],
hierna te noemen: de moeder, wonende in [woonplaats] ,
[naam vader],
hierna te noemen: de vader, wonende in [woonplaats] ,
[naam oma (vz)] ,
hierna te noemen: de oma vaderszijde (vz), wonende in [woonplaats] .

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift van 10 september 2025 met bijlagen, ontvangen op 12 september 2025.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 28 oktober 2025. Daarbij waren aanwezig:
- een vertegenwoordiger van de GI, [persoon A] .
De vader, de moeder en de oma vz zijn niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat de vader, de moeder en de oma vz wel juist zijn opgeroepen.
1.3.
De kinderrechter heeft [voornaam minderjarige] naar haar mening gevraagd. [voornaam minderjarige] heeft geen mening gegeven.

2.De feiten

2.1.
De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] .
2.2.
[voornaam minderjarige] woont met de ouders bij de oma vz.
2.3.
Bij beschikking van 28 april 2025 is de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengd tot 9 november 2025.

3.Het verzoek

3.1.
De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] te verlengen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4.Het standpunt

4.1.
De GI handhaaft ter zitting het verzoek en licht dit als volgt toe. De GI heeft helaas weinig contact met [voornaam minderjarige] , haar ouders en de oma vz. De moeder gaf vorige week in een telefonisch contact aan dat zij een huis heeft gevonden, maar het is onduidelijk of de moeder daar al woont. Volgende week gaat SPAM starten en de GI is in contact met een psycholoog voor [voornaam minderjarige] . De vader is daarnaast gemotiveerd om clean te worden. Het is niet bekend bij de GI of de vader al gestart is met een behandeling of nog op de wachtlijst staat. Er zijn helaas in de afgelopen periode veel wisselingen van jeugdbeschermers geweest maar de huidige, vaste, jeugdbeschermer hoopt een vertrouwensband op te kunnen bouwen.

5.De beoordeling

5.1.
De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan. [1] De kinderrechter legt hieronder uit waarom.
5.2.
De ontwikkeling van [voornaam minderjarige] wordt nog steeds ernstig bedreigd. In het afgelopen jaar is er helaas nog weinig vooruitgang geboekt. Er is nog altijd onvoldoende zicht op de thuissituatie en de inzet van verschillende hulpverleningsinstanties heeft tot op heden niet tot een duurzame verbetering geleid. Daarnaast is het onduidelijk voor de GI wat de huidige woonsituatie van [voornaam minderjarige] is. Ondanks dat de moeder telefonisch heeft aangegeven dat zij een woning zou hebben gevonden, bezit de GI niet over verdere informatie. Problematisch is ook dat er geen duidelijke afspraken zijn gemaakt tussen de moeder en de oma vz over de gezamenlijke opvoeding van [voornaam minderjarige] . Eerder was dit al een zorg vanuit de hulpverlening “Tien voor Toekomst”. Positief is dat SPAM volgende week kan starten, om hier meer zicht op te krijgen. Daarnaast is het van belang dat [voornaam minderjarige] in gesprek gaat met een psycholoog. De psycholoog heeft geprobeerd om in contact te komen met [voornaam minderjarige] , maar dit is ondanks herhaalde pogingen niet gelukt. Naast [voornaam minderjarige] hebben ook de ouders hulpverlening nodig. Zo heeft de moeder ondersteuning nodig bij het bieden van structuur en begrenzen van de invloed van de vader en heeft de vader een behandeling nodig voor zijn middelengebruik. Het is voor de GI onduidelijk wat de laatste stand van zaken hierin is. Hoewel de ouders gemotiveerd lijken voor een verandering ten goede, zijn zij onvoldoende bereikbaar voor de hulpinstanties en de GI. De zorgen over [voornaam minderjarige] zijn nog altijd groot en het is van belang dat door middel van de inzet van passende hulpverlening in het gedwongen kader duidelijkheid komt.
De kinderrechter acht de betrokkenheid van een jeugdbeschermer daarom nog noodzakelijk om zicht te krijgen op de thuissituatie van [voornaam minderjarige] , passende hulpverlening in gang te zetten en de ontwikkeling en veiligheid van [voornaam minderjarige] te waarborgen. De kinderrechter roept de ouders hierbij op om de samenwerking met de GI aan te gaan en zich in te zetten in het hulpverleningstraject.
5.3.
De ondertoezichtstelling is daarom nog steeds nodig. De kinderrechter verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] voor de duur van een jaar.
5.4.
De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

6.De beslissing

De kinderrechter:
6.1.
verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] tot 9 november 2026;
6.2.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 28 oktober 2025 door mr. M.P.G. Rietbergen, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. L.N. van Geest als griffier, en op schrift gesteld op 30 oktober 2025.
Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
  • degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
  • andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Voetnoten

1.Artikel 1:260 BW.