ECLI:NL:RBROT:2025:14719
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging oplegging cursus na vrijspraak weigering bloedonderzoek
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) legde in 2024 aan eiser een Educatieve Maatregel Drugs en verkeer (EMD) op vanwege het weigeren mee te werken aan een bloedonderzoek. Eiser volgde de cursus, maar werd in 2025 door de politierechter vrijgesproken van de weigering. Vervolgens diende eiser een herzieningsverzoek in bij het CBR, dat werd afgewezen. De rechtbank oordeelt dat de gemotiveerde vrijspraak de grondslag voor het opleggen van de cursus wegneemt.
De rechtbank stelt vast dat de bestuursrechter niet gebonden is aan het strafrechtelijk oordeel, tenzij dit vonnis de feiten waarop het bestuursrechtelijke besluit is gebaseerd onderuit haalt. De vrijspraak, inclusief de pleitnotitie en proces-verbaal, ontkracht het vermoeden van rijden onder invloed waarop het CBR de cursus baseerde. Het enkele feit dat een grinder in het voertuig werd aangetroffen, is onvoldoende om het vermoeden te handhaven.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en het herzieningsbesluit, en trekt het oorspronkelijke besluit tot oplegging van de cursus in. Tevens moet het CBR de cursuskosten en proceskosten aan eiser vergoeden. De uitspraak is gedaan door rechter J.J.R. Lautenbach op 18 december 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot oplegging van de cursus wordt vernietigd en ingetrokken.