ECLI:NL:RBROT:2025:14732
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing compensatieaanvraag Wet hersteloperatie toeslagen wegens ontbreken kinderopvangtoeslagaanvragen
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor compensatie op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht), welke door de Dienst Toeslagen is afgewezen voor de jaren 2013 tot en met 2016 en 2019. De rechtbank heeft het beroep van eiser tegen deze afwijzing behandeld en beoordeeld.
De rechtbank constateert dat er geen bewijs is dat eiser voor de jaren 2013, 2014 en 2015 een aanvraag voor kinderopvangtoeslag heeft ingediend. Ook is niet gebleken dat eiser in de Fraude Signalering Voorziening stond, hetgeen de verklaring van eiser en zijn voormalige partner over vermeende vooringenomenheid onvoldoende ondersteunt. Voor het jaar 2016 is het aannemelijk dat eiser zelf de stopzetting van de kinderopvangtoeslag heeft doorgegeven via het online burgerportaal, waardoor geen sprake is van vooringenomen handelen. Voor het jaar 2019 was er geen terugvordering of verlaging van het recht op kinderopvangtoeslag, en een herziening van een beschikking impliceert niet automatisch vooringenomenheid.
De rechtbank concludeert dat de Dienst Toeslagen de aanvraag van eiser terecht heeft afgewezen en verklaart het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter R.J.P. Ferwerda op 12 december 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de compensatieaanvraag wordt ongegrond verklaard.