2.3.3Bewijsmiddelen
De bewezenverklaring van het feit is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelenen de onderstaande nadere bewijsmotivering.
1. Proces-verbaal politie
De tenaamgestelde van de Toyota Aygo, kenteken [kenteken 1], kleur blauw auto betreft de verdachte. Ik zag dat er een geurboompje aan de binnenspiegel van het voertuig hing. Ik zag dat het boompje een blauw met witte kleur had.
2. Proces-verbaal politie
Op 8 juli 2025 omstreeks 3.49 uur vond er een explosie plaats aan de [adres 2] te Rotterdam. Het kenteken [kenteken 1] is op 8 juli 2025 om 03:08 uur door een Milieucamera geregistreerd aan de Schieweg te Rotterdam. Op camerabeelden in de omgeving van de plaats delict is te zien dat er om 03:13 uur een voertuig, gelijkend op een Toyota Aygo, vanaf de Heemraadssingel rechtsaf de Vierambachtsstraat in kwam rijden, gaande in de richting van de plaats delict. Op de bewegende camerabeelden waren delen van het kenteken te zien, te weten .[kenteken 2].
3. Proces-verbaal politie
Op camerabeelden is het volgende te zien:
Op 8 juli 2025 om 03.26.26 uur kwam een persoon in beeld op de Vierambachtsstraat. Deze persoon kwam uit de Doedesstraat lopen en liep vanaf dat moment een aantal keren langs het pand aan de [adres 2] en weer terug de Doedesstraat in. Dezelfde persoon liep om 03.47.06 uur uit de Doedesstraat, stond om 03.48.44 uur stil voor het pand en haalde een langwerpig voorwerp onder zijn jas vandaan. Vervolgens was er een lichtflits tussen zijn benen en het langwerpige voorwerp brandde. Deze persoon rende de Doedesstraat in en was om 03.49.02 uit beeld. Om 03.49.09 uur ontplofte het langwerpige voorwerp. Het rolluik van het pand was ontzet en aan de onderzijde en bovenzijde waren beschadigingen ontstaan door de explosie.
Om 03.49.41 uur reed een voertuig op de Gerrit van der Lindestraat. Het voertuig reed de Tidemanstraat in. Het voertuig was grijs/blauw van kleur en was gelijkend op een Toyota Aygo. Dit was het eerste voertuig wat in beeld kwam na de explosie.
Er zat een bijrijder in het voertuig en vermoedelijk zat aan de binnenspiegel een lichtkleurig voorwerp bevestigd.
Om 03.50.04 uur reed het voertuig uit de Tidemanstraat, de van Citterstraat op en daarna de Beukelsweg in. Om 03.50.50 uur kwam het voertuig in beeld en reed het vanaf de Beukelsweg het Aelbrechtsplein op. Om 03.50.56 uur kwam het voertuig in beeld en reed de Beukelsbrug op richting de Horvathweg.
4. Proces-verbaal politie
Het kenteken [kenteken 1] werd op de volgende tijden en locaties geregistreerd door ANPR-camera’s:
[afbeelding ANPR-camera registratie momenten]
5. Proces-verbaal politie
In de auto van de verdachte zat in de audio-aansluiting een draadloze ontvanger. Nadat de draadloze ontvanger was ingeschakeld, kon er middels Bluetooth verbinding gemaakt worden met
[naam bluetooth-verbinding]. In de mobiele telefoon van de verdachte stond bij de tot stand gekomen bluetooth verbindingen de naam
[naam bluetooth-verbinding].
6. Proces-verbaal politie
Er waren digitale gegevens aanwezig in de telefoon van de verdachte.
De telefoon maakte op 8 juli 2025 om 02:25 uur contact met het bluetoothsysteem voorzien van de naam ‘[naam bluetooth-verbinding]’.
De onderstaande meldingen van de applicatie Flitsmeister waren vastgelegd.
2.3.4Bewijsmotivering
Verdachte was in Rotterdam en in de omgeving van de ontploffing
De ANPR-registraties van de auto van de verdachte gecombineerd met zijn telefoongegevens leiden tot de conclusie dat de verdachte in de nacht van dinsdag 8 juli 2025 met zijn auto, een Toyota Aygo, kenteken [kenteken 1], kleur blauw, vanuit Utrecht naar Rotterdam is gereisd en daarna weer is teruggereden naar Utrecht. Hij is rond 2.35 uur uit Utrecht vertrokken en naar Rotterdam gereden. Rond 3.08 uur was hij in Rotterdam en om 3.53 uur reed hij vanuit Rotterdam terug in de richting van Utrecht.
De tenlastegelegde ontploffing was om 3.49 uur. De verdachte was tijdens de ontploffing dus met zijn auto in Rotterdam en een paar minuten na de ontploffing is hij uit Rotterdam vertrokken.
De ontploffing vond plaats in de Vierambachtsstraat in Rotterdam. Op bewegende camerabeelden is door een opsporingsambtenaar gezien dat iets meer dan een half uur voor de ontploffing, om 3.13 uur, een auto gelijkend op een Toyota Aygo met het kenteken onder meer bestaande uit .[kenteken 2], de Vierambachtsstraat inreed, in de richting van de (latere) plaats delict. Anders dan door de verdediging is bepleit, kan deze waarneming, zoals die is verwoord in het op ambtsbelofte opgemaakte proces-verbaal, voor het bewijs worden gebruikt. Weliswaar is op de afdruk (‘still’) van de camerabeelden die bij dit proces-verbaal is gevoegd een onduidelijk beeld van een auto te zien en is het kenteken niet leesbaar, wel is op die afdruk de kentekenplaat duidelijk zichtbaar. Dat maakt dat aannemelijk is dat de opsporingsambtenaar op de bewegende camerabeelden een deel van het kenteken heeft kunnen zien en dat niet getwijfeld wordt aan de juistheid van deze waarneming van de opsporingsambtenaar.
Om 3.49.09 uur vond, zoals reeds is opgemerkt, de ontploffing plaats. De dader was net daarvoor weggerend van de Vierambachtsstraat, de Doedesstraat in. Ongeveer 32 seconden na de ontploffing, reed een blauw/grijze auto, gelijkend op een Toyota Aygo, op de Gerrit van der Lindenstraat te Rotterdam. Het is algemeen bekend dat de Gerrit van der Lindenstraat een zijstraat is van de Doedesstraat. De auto reed vervolgens via verschillende straten om 3.50.56 uur de Beukelsbrug op, richting de Horvathweg. Om 3.53 uur reed de verdachte in zijn auto langs een ANPR-camera op de Tjalklaan. Het is algemeen bekend dat de Horvathweg en de Tjalklaan elkaar kruisen.
Vastgesteld wordt dat de op een Toyota Aygo gelijkende auto die zich voorafgaand aan en na de ontploffing op of in de buurt van de Vierambachtsstraat bevond, de auto van de verdachte is geweest. De omstandigheid dat twee letters van het kenteken van de auto op camerabeelden niet zichtbaar waren doet daaraan niet af. Het cijfer en de letters die wel zichtbaar waren, komen in de geconstateerde combinatie overeen met het kenteken van de auto van de verdachte. Daar komt bij dat de kleur van de naderhand gesignaleerde auto, in de nacht bij kunstlicht gezien, nagenoeg overeenkomt met de kleur van de auto van de verdachte. Ook komt overeen dat aan de binnenspiegel een voorwerp hing. Tenslotte is voor de conclusie dat sprake was van de auto van de verdachte, redengevend dat de auto na de explosie vanuit de omgeving van de Vierambachtsstraat richting de Horvathweg is gereden, wat aansluit op de route die de verdachte vervolgens heeft gereden over de Tjalklaan naar de A20.
De verklaring van de verdachte – voor het eerst tijdens de zitting – dat hij wel eens in Rotterdam komt om vrienden weg te brengen of te halen, maar dat hij niet in de buurt is geweest van de plek van de ontploffing, vindt zijn weerlegging in de bewijsmiddelen.
Aan die verklaring gaat de rechtbank voorbij.
Opzet op de ontploffing en het behulpzaam zijn daarbij
Gerekend vanaf zijn aankomst in Rotterdam om ongeveer 3.08 uur is de verdachte nog geen uur in Rotterdam geweest. De verdachte is na aankomst in Rotterdam vrijwel direct naar de Vierambachtsstraat gereden en is direct na de ontploffing uit de nabijheid van die straat weer weggereden. Bij dat wegrijden waren de lichten van de auto nog enige tijd gedoofd en zat een bijrijder bij hem in de auto. Bovendien is de verdachte meteen daarna teruggereden richting Utrecht. Vastgesteld wordt dat de komst van de verdachte naar Rotterdam in deze nacht was gericht op de ontploffing aan de [adres 2]. De verdachte heeft zijn auto daarvoor beschikbaar gesteld. De omstandigheden van het wegrijden maken dat voorts wordt vastgesteld dat de verdachte in zijn auto de dader na de explosie heeft opgewacht en vervolgens heeft vervoerd. De verdachte heeft met dit doelbewuste handelen, anders dan de raadsman heeft betoogd, zowel opzet op het gronddelict (de ontploffing) als op de medeplichtigheid daaraan gehad.
Het tijdsbestek van 39 seconden tussen de ontploffing en de eerste cameraregistratie van de auto van de verdachte op de Gerrit van der Lindestraat is, anders dan door de raadsman is betoogd, niet zodanig kort dat de dader in die tijd niet vanaf de plek van de ontploffing naar de auto van de verdachte kon rennen, in kon stappen en de verdachte vervolgens kon wegrijden. Algemeen bekend is dat de afstand vanaf de [adres 2], via de Doedesstraat, naar de kruising van die laatste straat met de Gerrit van de Lindestraat 180 tot 200 meter is. Die afstand is, naar algemene ervaringsregels, af te leggen binnen 39 seconden.
Bewezen wordt daarom dat de verdachte medeplichtig is aan de ontploffing.
2.3.5.Bewezenverklaring
een onbekend gebleven perso
on op 8 juli 2025 te Rotterdam,
opzettelijk, een ontploffing teweeg heeft gebracht, door open vuur in aanraking te brengen met vuurwerk en/of een explosief,
terwijl daarvan gemeen gevaar voor een of meer goederen, te weten een pand aan de [adres 2], althans het rolluik en/of ruiten, te duchten was,
bij het plegen van welk misdrijf verdachte op 8 juli 2025 te Rotterdam opzettelijk behulpzaam is geweest en opzettelijk middelen heeft verschaft, door
- zijn, verdachtes, auto daarvoor ter beschikking te stellen en
-
deonbekend gebleven perso
on van de plaats van het misdrijf te vervoeren.