ECLI:NL:RBROT:2025:2293
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond op hoogte bijzondere bijstand voor inrichting en stoffering woning na brand
Eiseres verloor haar woning door een brand in de zomer van 2023 en verhuisde op 2 mei 2024 naar een nieuwe woning. Zij vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten van inrichting en stoffering van deze woning. Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam kende een bedrag van €3.541,- toe, conform de Beleidsregels bijzondere bijstand Rotterdam 2024.
Eiseres voerde aan dat het toegekende bedrag niet toereikend was, mede omdat zij door de brand geen spullen kon meenemen en haar nieuwe woning relatief groot is. De rechtbank oordeelt echter dat het college forfaitaire bedragen mag hanteren en dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat het toegekende bedrag onvoldoende is om de goedkoopste adequate voorziening te treffen.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is, dat het college terecht het bezwaar ongegrond heeft verklaard en dat eiseres geen recht heeft op terugbetaling van griffierecht of vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de hoogte van de toegekende bijzondere bijstand wordt ongegrond verklaard.