Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
2 april 2025
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft een verzoek ingediend om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) vanwege een problematische schuldensituatie. De rechtbank heeft het verzoek behandeld op 26 maart 2025, waarbij verzoeker en een schuldhulpverlener aanwezig waren.
Hoewel verzoeker niet te goeder trouw is geweest bij het ontstaan van bepaalde schulden, onder andere door het niet doen van aangifte omzetbelasting, heeft de rechtbank op grond van de hardheidsclausule besloten het verzoek toch toe te wijzen. Verzoeker heeft zijn onderneming beëindigd en werkt nu fulltime in loondienst, waardoor een positieve wending in zijn financiële situatie is ontstaan.
De rechtbank stelt de ingangsdatum van de WSNP vast op 4 april 2025 en benoemt een bewindvoerder en rechter-commissaris. De verplichtingen van verzoeker tijdens het traject worden toegelicht, waaronder het naleven van informatie- en inspanningsverplichtingen en het voorkomen van nieuwe schulden. De regeling eindigt met een schone lei indien aan alle verplichtingen wordt voldaan.
Een eerdere ingangsdatum wordt niet vastgesteld omdat verzoeker tijdens het voorafgaande schuldhulpverleningstraject niet voldoende heeft afgelost. De rechtbank draagt de bewindvoerder op de post van verzoeker in te zien en een voorschot op vergoeding te nemen indien de boedel toereikend is.
Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de WSNP met ingangsdatum 4 april 2025 en toepassing van de hardheidsclausule.