Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 8 augustus 2024, met bijlagen;
- het antwoord;
- de rolbeslissing van 4 oktober 2024.
2.De beoordeling
hoofdsom € 4.071,20 (plus de wettelijke rente over dat bedrag, te
€ 643,87 +
Rechtbank Rotterdam
Gedaagde sloot op 8 januari 2024 een kinderopvangovereenkomst met Komkids voor haar zoon. Komkids vordert betaling van onbetaalde facturen over maart, april en mei 2024, inclusief incassokosten en rente, totaal €5.971,79. Gedaagde stelt dat zij de overeenkomst telefonisch heeft opgezegd vanwege financiële problemen door vertraagde kinderopvangtoeslag.
De rechtbank oordeelt dat Komkids essentiële informatieverplichtingen niet is nagekomen, met name het niet duidelijk informeren over het ontbindingsrecht binnen veertien dagen en het niet bevestigen van dit recht op een duurzame gegevensdrager. Hierdoor wordt de betalingsverplichting van gedaagde verminderd met 20% conform de sanctierichtlijn.
De rechtbank wijst de hoofdsom van €4.071,20 toe, plus incassokosten van €643,87 en wettelijke rente over dit bedrag. De vordering tot betaling van de volledige rente over het oorspronkelijke bedrag wordt afgewezen. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €1.310,39. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde moet €4.715,07 betalen aan Komkids wegens gedeeltelijke toewijzing van de vordering met 20% vermindering vanwege schending informatieverplichtingen.