ECLI:NL:RBROT:2025:4726
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanvullende compensatie in toeslagenaffaire door rechtbank Rotterdam
Eiseres, gedupeerde van de toeslagenaffaire, vordert een hogere aanvullende compensatie voor haar werkelijke schade. De Dienst Toeslagen had reeds compensatie toegekend op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht), inclusief een aanvullende compensatie die in meerdere besluiten werd verhoogd tot € 11.591,-.
Eiseres stelt dat de schade onder meer bestaat uit relatieproblemen, gedwongen verkoop van haar woning, inkomensverlies, studieverlies en reiskosten, die volgens haar verband houden met het institutioneel vooringenomen handelen van de Dienst Toeslagen.
De rechtbank oordeelt dat onvoldoende is aangetoond dat er een causaal verband bestaat tussen de terugvorderingen van de toeslagen en de door eiseres gestelde schade. De beëindiging van de arbeidsovereenkomst en relatieproblemen kunnen niet rechtstreeks aan de Dienst Toeslagen worden toegerekend. Ook de overige schadeposten zoals reiskosten en tegemoetkoming aan de moeder komen niet voor vergoeding in aanmerking.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. De rechtbank veroordeelt de Dienst Toeslagen tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiseres. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam op 16 april 2025.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de vaststelling van aanvullende compensatie wordt ongegrond verklaard en het vastgestelde bedrag van € 11.591,- blijft gehandhaafd.