De rechtbank Rotterdam behandelde het verzoek van een ouder tot het instellen van een beperkt bewind over een erfenis die een jongvolwassene van 18 jaar heeft ontvangen. De erfenis, een bedrag van €205.395,13, stond op een geblokkeerde rekening (BEM-rekening). De verzoekster vreesde dat de betrokkene onverstandige uitgaven zou doen gezien haar jonge leeftijd en eerdere losbandige gedrag.
Tijdens de mondelinge behandeling waren zowel verzoekster, betrokkene als de beoogd bewindvoerder aanwezig. Betrokkene erkende haar wens om zelfstandig met het geld om te gaan, maar stemde in met het bewind ter bescherming. De kantonrechter oordeelde dat de betrokkene vanwege haar leeftijd, de omvang van het bedrag en overige omstandigheden nog niet volledig in staat is haar vermogensrechtelijke belangen zelfstandig te behartigen.
Daarom werd het verzoek toegewezen en werd een beperkt bewind ingesteld tot de betrokkene 25 jaar wordt. De beoogd bewindvoerder werd benoemd zonder bezwaar. De termijn van 8 jaar werd als redelijk beschouwd, mede gezien het feit dat betrokkene nog studeert.