ECLI:NL:RBROT:2025:8982

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
22 juli 2025
Publicatiedatum
22 juli 2025
Zaaknummer
11743638 GZ VERZ 25-5389
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verzoek tot instelling beperkt bewind over erfenis jongvolwassene

De rechtbank Rotterdam behandelde het verzoek van een ouder tot het instellen van een beperkt bewind over een erfenis die een jongvolwassene van 18 jaar heeft ontvangen. De erfenis, een bedrag van €205.395,13, stond op een geblokkeerde rekening (BEM-rekening). De verzoekster vreesde dat de betrokkene onverstandige uitgaven zou doen gezien haar jonge leeftijd en eerdere losbandige gedrag.

Tijdens de mondelinge behandeling waren zowel verzoekster, betrokkene als de beoogd bewindvoerder aanwezig. Betrokkene erkende haar wens om zelfstandig met het geld om te gaan, maar stemde in met het bewind ter bescherming. De kantonrechter oordeelde dat de betrokkene vanwege haar leeftijd, de omvang van het bedrag en overige omstandigheden nog niet volledig in staat is haar vermogensrechtelijke belangen zelfstandig te behartigen.

Daarom werd het verzoek toegewezen en werd een beperkt bewind ingesteld tot de betrokkene 25 jaar wordt. De beoogd bewindvoerder werd benoemd zonder bezwaar. De termijn van 8 jaar werd als redelijk beschouwd, mede gezien het feit dat betrokkene nog studeert.

Uitkomst: Verzoek tot instelling beperkt bewind over erfenis van €205.395,13 toegewezen tot betrokkene 25 jaar wordt.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 11743638 GZ VERZ 25-5389
uitspraak: 18 juli 2025
beschikking van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,
inzake het verzoek van:
[verzoekster]
wonende te [postcode 1] [plaats 1] , [adres 1] ,
hierna te noemen verzoekster,
tot instelling van een beperkt bewind over de goederen van:
[betrokkene] ,
geboren te [plaats 1] op [geboortedatum 1] 2007,
wonende te [postcode 1] [plaats 1] , [adres 1] ,
hierna te noemen betrokkene.

1.Verloop van de procedure

1.1.
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
  • het verzoekschrift met bijlagen, ter griffie binnengekomen op 6 juni 2025;
  • een bereidverklaring van de voorgestelde bewindvoerder;
  • een akkoordverklaring van [persoon A] (halfzus van betrokkene).
1.2.
Op 14 juli 2025 heeft een mondelinge behandeling plaatsgevonden. Verzoekster, betrokkene en [persoon B] (halfzus van betrokkene en beoogd bewindvoerder) zijn op de mondelinge behandeling verschenen. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat op de mondelinge behandeling is besproken.
1.3.
De uitspraak van deze beschikking is bepaald op vandaag.

2.Beoordeling van het verzoek

2.1.
Betrokkene is op [geboortedatum 1] 2025 18 jaar geworden. Haar vader is tien jaar geleden overleden. Betrokkene heeft een bedrag van € 205.395,13 uit de nalatenschap van haar vader verkregen. Dit bedrag stond sindsdien op de BEM-rekening met [nummer] ten name van betrokkene.
2.2.
Verzoekster vindt betrokkene nog te jong om over dit bedrag te beschikken en vreest dat betrokkene onverstandige uitgaven zal doen van het geld. Op de zitting hebben verzoekster en de beoogd bewindvoerder in dit verband toegelicht dat betrokkene nog geen spaardoelen heeft, haar geld snel uitgeeft en in het verleden een losbandige tijd heeft gehad. Zij vinden dat betrokkene het bedrag moet reserveren, zodat zij daar op enig moment bijvoorbeeld een woning van kan kopen. Daarom heeft verzoekster verzocht om een beperkt bewind uit te spreken over het bedrag van € 205.395,13 totdat betrokkene de leeftijd van 25 jaar heeft bereikt.
2.3.
Betrokkene vindt dat zij zelfstandig genoeg is om met haar geld te kunnen omgaan, maar zij begrijpt ook dat verzoekster haar tegen zichzelf in bescherming wil nemen. Daarom stemt zij in met een beperkt bewind over het bedrag van € 205.395,13 waarbij [persoon B] tot bewindvoerder zal worden benoemd. Zij vindt de periode van 8 jaar, totdat zij de leeftijd van 25 heeft bereikt echter wel lang, vooral omdat zij al lange tijd de wens koestert om op zichzelf te gaan wonen.
2.4.
Gelet op de jonge leeftijd van betrokkene, de hoogte van het door haar geërfde geldbedrag en hetgeen op de zitting is besproken, is voldoende gebleken dat betrokkene als gevolg van een lichamelijke of geestelijke toestand (nog) niet in staat is ten volle haar vermogensrechtelijke belangen zelfstandig te behartigen. Het verzoek tot het instellen van een beperkt bewind over het bedrag van € 205.395,13 op de bankrekening met [nummer]
ten name van betrokkene zal daarom worden toegewezen.
De kantonrechter acht de termijn van 8 jaar totdat betrokkene de leeftijd van 25 jaar heeft bereikt, mede gelet op het feit dat betrokkene nog studeert, daarbij niet onredelijk.
2.5.
Tegen benoeming van de voorgestelde bewindvoerder zijn geen bezwaren gerezen.

3.Beslissing

De kantonrechter:
3.1.
stelt het bedrag van € 205.395,13 op de bankrekening met [nummer]
ten name van
[betrokkene]onder bewind wegens een lichamelijke of geestelijke toestand;
3.2.
benoemt tot bewindvoerder:
[persoon B]
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum 2] 1986,
wonende te [postcode 2] [plaats 2] , [adres 2] .
Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Frikkee, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting.
426
Verzonden op:
Tegen deze beschikking kan in hoger beroep worden gegaan bij het gerechtshof Den Haag. Dit kan alleen worden ingesteld door een advocaat. Verzoeker en degenen aan wie een kopie van de beschikking is verstrekt moeten hoger beroep instellen binnen drie maanden na de datum van de beschikking. Voor andere belanghebbenden moet dit binnen drie maanden nadat zij van de beschikking op de hoogte zijn geraakt.