Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de raad voor de kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht (hierna: de raad), als adviseur, vertegenwoordigd door [naam].
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 29 juli 2025 beslist over het verzoek van de vrouw om het gezamenlijk ouderlijk gezag over de minderjarige te wijzigen in eenhoofdig gezag. Dit verzoek volgt op gewijzigde omstandigheden, waarbij de man sinds februari 2025 uit beeld is verdwenen en niet bereikbaar is voor de vrouw. Hierdoor kan zij geen gezagsbeslissingen meer nemen zonder zijn toestemming.
De rechtbank stelt vast dat het gezamenlijk gezag sinds april 2023 was toegekend, maar dat de situatie inmiddels zodanig is gewijzigd dat voortzetting van het gezamenlijk gezag niet langer mogelijk is. De man is niet verschenen bij de mondelinge behandeling en heeft zich niet verweerd tegen het verzoek.
De rechtbank oordeelt dat het belang van de minderjarige vereist dat het gezag aan de vrouw wordt toegekend, omdat het ontbreken van contact met de man leidt tot een onaanvaardbaar risico dat het kind klem komt te zitten tussen de ouders. Het verzoek om vervangende toestemming voor een vakantie met de minderjarige wordt afgewezen wegens gebrek aan belang, nu het gezag wordt gewijzigd.
De proceskosten worden ieder voor eigen rekening gelaten. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten bij het gerechtshof Den Haag door een advocaat.
Uitkomst: Het gezamenlijk ouderlijk gezag wordt beëindigd en het gezag wordt aan de vrouw toegekend.