ECLI:NL:RBROT:2025:9562
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag afvalstoffenheffing op grond van feitelijk gebruik perceel
Eiser maakte bezwaar tegen een aanslag afvalstoffenheffing voor het belastingjaar 2023 opgelegd door de gemeente Molenlanden. Eiser verwees naar een eerdere uitspraak van de rechtbank Dordrecht uit 2012 waarin werd geoordeeld dat hij geen afvalstoffenheffing hoefde te betalen over 2011, omdat hij geen containers bezat en er geen tarief voor huishoudens zonder container bestond.
De rechtbank Rotterdam oordeelt dat deze eerdere uitspraak alleen betrekking had op het belastingjaar 2011 en de toen geldende verordening van de gemeente Liesveld. Sinds 2019 zijn er weer aanslagen opgelegd op basis van de nieuwe Verordening afvalstoffenheffing Molenlanden 2023, die enkel vereist dat sprake is van feitelijk gebruik van het perceel.
Omdat eiser feitelijk gebruik maakt van het perceel en er huishoudelijke afvalstoffen ontstaan, is de gemeente verplicht tot inzameling en kan de afvalstoffenheffing worden geheven ongeacht dat de inzameling door een derde partij plaatsvindt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, de aanslag blijft in stand en eiser krijgt geen griffierecht of proceskosten vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag afvalstoffenheffing 2023 wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft in stand.