ECLI:NL:RBROT:2025:9755

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
6 augustus 2025
Publicatiedatum
12 augustus 2025
Zaaknummer
11744125 GZ VERZ 25-5393
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:435 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontslag tweede bewindvoerder wegens eigen bewind en schuldsanering

Op 15 december 2005 is een bewind ingesteld over de goederen van betrokkene vanwege een lichamelijke of geestelijke toestand. De tweede bewindvoerder, benoemd naast een eerste bewindvoerder, is sinds 30 augustus 2022 failliet verklaard en sinds 9 september 2024 onder de wettelijke schuldsaneringsregeling geplaatst. Tevens is op 23 mei 2023 zijn eigen vermogen onder bewind gesteld wegens verkwisting en problematische schulden.

Volgens de wet kan een natuurlijk persoon die zelf onder bewind staat, failliet is of in de wettelijke schuldsanering zit, niet als bewindvoerder optreden. De kantonrechter concludeert dat de tweede bewindvoerder hierdoor ongeschikt is om het financiële beheer van betrokkene te voeren.

Daarom wordt de tweede bewindvoerder per direct ontslagen en blijft de eerste bewindvoerder benoemd. Tegen deze beschikking kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Den Haag, uitsluitend door een advocaat.

Uitkomst: De tweede bewindvoerder wordt ambtshalve ontslagen wegens eigen bewind en schuldsanering, eerste bewindvoerder blijft benoemd.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 11744125 GZ VERZ 25-5393
registernummer: BM 4329
uitspraak: 6 augustus 2025
beschikking van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam, inzake ambtshalve ontslag tweede bewindvoerder
over de goederen van:

[betrokkene] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987,
wonende te [postcode] [woonplaats] , [adres] ,
hierna te noemen betrokkene.

Verloop van de procedure

De kantonrechter te Rotterdam heeft op 15 december 2005 een bewind over de goederen van betrokkene ingesteld vanwege een lichamelijke of geestelijke toestand.

De huidige bewindvoerders zijn [naam 1] en [naam 2].

Op 6 juni 2025 is op de griffie een brief ontvangen van F&G Advocaten, mr W.P, Groenendijk, in zijn hoedanigheid als wsnp bewindvoerder van de tweede bewindvoerder ( [naam 2] ).
De kantonrechter heeft op grond van de ontvangen informatie afgezien van een mondelinge behandeling.

Beoordeling

Het is de kantonrechter gebleken dat:
de tweede bewindvoerder, [naam 2] , bij vonnis van de rechtbank Rotterdam d.d. 30 augustus 2022 in staat van faillissement is verklaard. Dit faillissement is bij vonnis van 9 september 2024 opgeheven, waarbij de wettelijke schuldsaneringsregeling op hem van toepassing is verklaard;
de goederen van de tweede bewindvoerder, [naam 2] , bij beschikking van 23 mei 2023 (BM 44725) onder bewind zijn gesteld, als gevolg van verkwisting of het hebben van problematische schulden.
Een natuurlijk persoon die zelf onder bewind staat, failliet is of in de wettelijke schuldsanering zit, kan niet worden benoemd tot bewindvoerder. [1]
De kantonrechter is van oordeel dat de tweede bewindvoerder, [naam 2] , gelet op het voorgaande niet langer geschikt is om als bewindvoerder de financiële huishouding te voeren van betrokkene.
Om deze reden gaat de kantonrechter ambtshalve per direct over tot het ontslag van de tweede bewindvoerder, [naam 2] , als bewindvoerder over de goederen van betrokkene.

Beslissing

De kantonrechter
ontslaat per heden [naam 2] , de tweede bewindvoerder;
houdt de benoeming van [naam 1] als (eerste) bewindvoerder in stand.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Frikkee en in het openbaar uitgesproken.
834
Tegen deze beschikking kan in hoger beroep worden gegaan bij het gerechtshof Den Haag. Dit kan alleen worden ingesteld door een advocaat. Verzoeker en degenen aan wie een kopie van de beschikking is verstrekt moeten hoger beroep instellen binnen drie maanden na de datum van de beschikking. Voor andere belanghebbenden moet dit binnen drie maanden nadat zij van de beschikking op de hoogte zijn geraakt.

Voetnoten

1.Artikel 1:435 lid 6 onder Pro c, d en e van het Burgerlijk Wetboek.