ECLI:NL:RBROT:2025:9823

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
11 juli 2025
Publicatiedatum
13 augustus 2025
Zaaknummer
11552445 CV EXPL 25-3757
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 130 lid 3 RvArt. 139 RvArt. 140 lid 3 RvArt. 233 RvArt. 237 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vordering tot herstel gebreken en huurprijsvermindering tegen verhuurder toegewezen

Sinds februari 2019 huren eiser en eiseres een woning van de verhuurder. Vanaf 2022 zijn er gebreken aan de woning die niet volledig zijn hersteld, ondanks verzoeken daartoe. De huurders vorderen een huurprijsvermindering van 40% vanaf 22 mei 2023 en herstel van de gebreken binnen drie maanden. Tevens wordt een schadevergoeding van €11.000,- gevorderd voor herstelkosten.

De verhuurder verschijnt niet in de procedure, waardoor verstek wordt verleend. De Vereniging van Eigenaren (VvE) verschijnt wel, maar de vordering tegen hen wordt afgewezen omdat geen grondslag is aangevoerd. De kantonrechter oordeelt dat de vorderingen tegen de verhuurder voldoende zijn onderbouwd en wijst deze toe.

De schadevergoeding wordt afgewezen omdat deze eisvermeerdering niet aan de verhuurder is betekend. Incassokosten van €453,75 worden toegewezen aan de huurders. Proceskosten worden verdeeld: de huurders betalen de kosten van de VvE, de verhuurder betaalt de kosten van de huurders. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Verhuurder wordt veroordeeld tot herstel van gebreken en huurprijsvermindering van 40% vanaf 22 mei 2023.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11552445 CV EXPL 25-3757
datum uitspraak: 11 juli 2025
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van

1..[eiser]

2. [eiseres],
woonplaats: [woonplaats 1] ,
eisers,
gemachtigde: mr. J.J.A. Bosch,
tegen

1..[gedaagde] ,

woonplaats: [woonplaats 2] ,
gedaagde sub 1,
die niet is verschenen,
en
2. Vereniging van Eigenaren [naam VvE] (even nummers),
vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,
gedaagde sub 2,
gemachtigde: mr. E.H. Kerbof.
De partijen worden hierna ‘ [eiser] en [eiseres] ’ ‘ [gedaagde] ’ en ‘VvE’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 30 januari 2025, met bijlagen;
  • het antwoord, met bijlagen;
  • de repliek met vermeerdering van eis, met bijlagen;
  • de dupliek.

2.De beoordeling

Waar gaat de zaak over?
2.1.
[eiser] en [eiseres] huren sinds februari 2019 de woning aan de [adres] in [plaats] van [gedaagde] . Sinds 2022 zijn er gebreken in de woning, waarvan een deel nog niet hersteld is en er volgens [eiser] en [eiseres] sprake is van gevolgschade. Ondanks hun verzoeken om de gebreken te herstellen is daar geen gehoor aangegeven. Daarom vorderen zij een huurprijsvermindering van 40% vanaf 22 mei 2023 en een veroordeling van [gedaagde] dan wel de VvE de gebreken binnen drie maanden te (laten) herstellen. Bij repliek hebben [eiser] en [eiseres] hun eis vermeerderd met een schadevergoeding van € 11.000,00 voor herstelkosten. De VvE voert verweer. [gedaagde] heeft niet gereageerd. Tegen hem wordt verstek verleend.
Tegenspraak
2.2.
Omdat de VvE wel in de procedure is verschenen, wordt op grond van artikel 140 lid 3 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) tussen partijen een vonnis op tegenspraak gewezen.
VvE
2.3.
De vordering tegen de VvE wordt afgewezen, alleen al omdat daarvoor geen grondslag is aangevoerd.
Gebreken en huurprijsvermindering
2.4.
[eiser] en [eiseres] hebben hun vorderingen voor een huurprijsvermindering en herstel van de gebreken voldoende onderbouwd. Omdat deze dus niet onrechtmatig of ongegrond is en tegen [gedaagde] verstek is verleend, wordt de eis toegewezen zoals onder de beslissing vermeld (artikel 139 Rv Pro).
Schadevergoeding
2.5.
De schadevergoeding die bij eisvermeerdering is gevorderd wordt afgewezen. Die eisvermeerdering is namelijk niet aan [gedaagde] betekend (artikel 130 lid 3 Rv Pro).
Incassokosten
2.6.
De incassokosten van € 453,75 worden toegewezen, omdat aan alle voorwaarden is voldaan om deze kosten vergoed te krijgen (artikel 6:96 BW Pro). [gedaagde] moet deze kosten voldoen aan [eiser] en [eiseres] .
Proceskosten VvE
2.7.
De proceskosten komen voor rekening van [eiser] en [eiseres] , omdat zij ongelijk krijgen (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter begroot de kosten die zij aan de VvE moeten betalen op € 164,00 aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 82,00) en € 41,00 aan nakosten. Dat is in totaal € 205,00. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend. De wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen.
Proceskosten [gedaagde]
2.8.
De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat hij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter begroot de kosten die hij aan [eiser] en [eiseres] moet betalen op € 148,04 aan dagvaardingskosten, € 90,00 aan griffierecht,
€ 82,00 aan salaris voor de gemachtigde (1 punt x € 82,00) en € 41,00 aan nakosten. Dat is in totaal € 361,04. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
Uitvoerbaar bij voorraad
2.9.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv Pro). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
in de zaak tegen de VvE
3.1.
wijst de vordering af;
3.2.
veroordeelt [eiser] en [eiseres] in de proceskosten, die aan de kant van de VvE worden begroot op € 205,00 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf de vijftiende dag na de betekening van dit vonnis tot de dag dat volledig is betaald;
in de zaak tegen [gedaagde]
3.3.
veroordeelt [gedaagde] om de gebreken aan het dak en de wc van de woning aan de [adres] in [plaats] binnen drie maanden na de betekening van dit vonnis te herstellen en daarnaast de gevolgschade in het trappenhuis en de zolderverdieping;
3.4.
bepaalt dat als [gedaagde] daaraan niet voldoet [eiser] en [eiseres] de gebreken door een deskundige aannemer mogen laten herstellen op kosten van [gedaagde] ;
3.5.
bepaalt dat vanaf 22 mei 2023 de huurprijs - die steeds gold - wordt verminderd met 40 % totdat de gebreken volledig zijn hersteld;
3.6.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] en [eiseres] € 453,75 aan buitengerechtelijke kosten te betalen;
3.7.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van [eiser] en [eiseres] worden begroot op € 361,04;
3.8.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.9
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. V.F. Milders en in het openbaar uitgesproken.
48436