Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verdere verloop van de procedure
- de beschikking van deze rechtbank van 21 juli 2025 en de daaraan ten grondslag liggende stukken;
- het gewijzigde verzoek en het aanvullend rapport met bijlagen van de Raad van 7 januari 2026;
- de briefrapportage met bijlagen van de GI van 8 januari 2026;
- het bericht van mr. Feiner van 13 januari 2026;
- de e-mail van de GI van 14 januari 2026;
- het verweerschrift van mr. Feiner met bijlagen van 14 januari 2026;
- de brieven vanuit het netwerk, ingebracht door mr. Feiner op 15 januari 2026;
- de ongedateerde brieven van [voornaam minderjarige 2] en [voornaam minderjarige 1] aan de vader, ingebracht door mr. Feiner op 15 januari 2026;
- de brief van 16 januari 2026 van de rechtbank aan partijen;
- de strafvonnissen tegen de (pleeg)ouders van 25 november 2025, ter zitting overgelegd door de Raad;
- de pleitnotities van mr. Feiner, ter zitting overgelegd;
- een verslag van het belmoment met de (pleeg)vader, ter zitting overgelegd door de (pleeg)vader.
- de (pleeg)moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- de gezinshuisouders;
- de biologische moeder van [voornaam minderjarige 1] ;
2.De feiten
3.Het aangehouden verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
6.De beslissing
[naam (pleeg)vader], geboren op [geboortedatum 3] 1986 in [geboorteplaats 2] en
[naam (pleegmoeder)] ,geboren op [geboortedatum 4] 1987 in [geboorteplaats 3] , over
[minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2017 in [geboorteplaats 2] ;
[naam (pleeg)vader], geboren op [geboortedatum 3] 1986 in [geboorteplaats 2] en
[naam (pleegmoeder)] ,geboren op [geboortedatum 4] 1987 in [geboorteplaats 3] , over
[minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2015 in [geboorteplaats 1] ;
de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, gevestigd in Rotterdam tot voogdes over [voornaam minderjarige 2] en [voornaam minderjarige 1] ;
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.