Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding, met bijlagen;
- de samenvatting van de griffier van de mondelinge reactie van [gedaagde] ;
- de repliek, met bijlagen.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
VGZ Zorgverzekeraar vordert betaling van een achterstand van €2.266,86 wegens niet-betaalde premies en zorgkosten over de periode april 2017 tot juli 2025. De gedaagde betwist deze vordering niet, waardoor de rechter deze als juist aanneemt.
Naast de hoofdsom is ook rente van €305,13 verschuldigd, berekend tot 26 september 2025, en een vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten van €163,17. De gedaagde heeft reeds €1.233,35 betaald, waarmee rente en incassokosten zijn voldaan, maar een restant van €1.501,81 blijft openstaan.
De gedaagde stelde dat er een betalingsregeling liep, maar deze betrof een andere achterstand, zoals door VGZ toegelicht in de repliek. De kantonrechter oordeelt dat de procedure daarom terecht is gestart. De kosten van de repliek blijven voor rekening van VGZ vanwege onduidelijke communicatie over de betalingsregeling.
De proceskosten worden begroot op €856,64 en komen voor rekening van de gedaagde, die in het ongelijk wordt gesteld. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat onmiddellijke uitvoering mogelijk is, ook bij hoger beroep.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €1.501,81 met rente en proceskosten van €856,64.