ECLI:NL:RBROT:2026:3426
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op compensatie kinderopvangtoeslag 2017 en bevestiging juiste vaststelling 2016
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Dienst Toeslagen waarin de compensatie voor het toeslagjaar 2016 werd vastgesteld en de aanvraag voor 2017 werd afgewezen. De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeeld of de compensatie op juiste wijze is vastgesteld en of de afwijzing voor 2017 terecht is.
De rechtbank oordeelt dat de compensatie voor 2016 correct is berekend op basis van de periode waarin sprake was van institutionele vooringenomenheid, namelijk mei tot en met september 2016. Voor de periode oktober tot en met december 2016 en het gehele jaar 2017 is geen compensatie toegekend omdat er evident geen recht op kinderopvangtoeslag bestond, aangezien eiseres geen gekwalificeerde opvang heeft afgenomen.
Eiseres stelde dat zij wel recht had op compensatie over 2017 en dat de betalingen aan de kinderopvang dit zouden aantonen, maar de rechtbank vond deze betalingen onvoldoende bewijs voor daadwerkelijke opvang. Ook het advies van de bezwaarschriftenadviescommissie om 2017 te compenseren werd niet gevolgd. Daarnaast werd het verzoek om het volledige persoonlijke dossier afgewezen omdat de Dienst Toeslagen reeds de relevante stukken had verstrekt.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, waardoor het bestreden besluit in stand blijft en eiseres geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.