2.3.1.Bewijsmotivering
Uit het dossier blijkt dat de verdachte en aangeefster [slachtoffer] op 23 februari 2022 in de woning van de verdachte in Rotterdam op enig moment ruzie hebben gekregen waarna de aangeefster verwondingen heeft opgelopen. De rechtbank stelt op basis van de aangifte, het aangetroffen mes en de geconstateerde verwondingen vast dat de aangeefster door toedoen van de verdachte verwondingen heeft opgelopen. Anders dan de verdediging acht de rechtbank de verklaringen van [slachtoffer] betrouwbaar. Zij heeft op 23 februari 2022 direct na aankomst van de politie en ook in haar aangifte verklaringen afgelegd. Deze verklaringen zijn gedetailleerd en komen in grote lijnen overeen met elkaar en met wat de politie in de woning van verdachte heeft aangetroffen, namelijk voor zover het de verdenking betreft een mes op de tafel. Maar ook andere feitelijkheden uit de verklaringen komen overeen, zoals de foto van de strijkplank op het bed waar aangeefster over heeft verklaard en de foto’s van de overhoop gehaalde woning ondersteunen de ruzie in de woning waarbij een gevecht is ontstaan Voor de door de verdediging geschetste alternatieve scenario’s dat de aangeefster zichzelf heeft verwond of zich heeft verwond aan spullen (zoals glasscherven) in de woning, is op basis van het dossier geen begin van aannemelijkheid te vinden. De alternatieve scenario’s worden daarom gepasseerd.
De rechtbank dient vervolgens de vraag te beantwoorden of de verdachte door zo te handelen opzettelijk heeft geprobeerd de aangeefster zwaar lichamelijk letsel toe te brengen. Op basis van het dossier kan echter niet worden bewezen dat de verdachte opzet, al dan niet in voorwaardelijke zin, heeft gehad op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. Het dossier bevat onvoldoende informatie over de exacte handelingen van de verdachte met het mes, waardoor de rechtbank niet kan vaststellen dat de verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat hij de aangeefster zwaar lichamelijk letsel zou toebrengen. De primaire beschuldiging is daarom niet bewezen. De verdachte wordt daarvan dus vrijgesproken.
Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wel bewezen dat de verdachte de aangeefster heeft mishandeld. De subsidiaire beschuldiging is bewezen.
2.3.2.Bewezenverklaring en bewijsmiddelen
Bewezen is dat de verdachte aangeefster [slachtoffer] heeft mishandeld. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.3.
De bewezenverklaring feit 1 subsidiair is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelenen de bovenstaande bewijsmotivering.
1.
Proces-verbaal van de politie, verklaring verdachte
V = vraag van de verbalisant
A = antwoord van de verdachte
A: [voornaam slachtoffer] wilde ergens gaan praten. Dus we gingen naar mijn huis toe. Dit was tussen 18:00 uur en 17:00 uur op 22 februari 2022.
V: U bent om 05:15 uur aangehouden. Heeft u al die tijd [voornaam slachtoffer] in huis gehad?
A: We zaten te praten en de tijd ging voorbij.
2.
Proces-verbaal van de politie, aangifte [slachtoffer]
Op 23 februari 2022 heeft iemand mij mishandeld en bedreigd met een mes. Hierdoor heb ik meerdere open wonden, waar bloed uit komt, aan mijn lichaam. De persoon die dit heeft gedaan heet [verdachte] en hij woont aan de [adres] te [woonplaats] .
Wij kwamen tussen 17:00 uur en 18:00 uur bij zijn woning aan. We hebben gegeten en gepraat. Vervolgens besprong [verdachte] mij ineens vanuit het niets. Ineens had [verdachte] een mes en knoflook uit de keuken gehaald. In de worsteling die ontstond kwam [verdachte] bovenop mij zitten, ik zag dat het met het mes rare bewegingen maakte. Wij zijn meerdere keren om de salontafel gerend, waarbij [verdachte] nog steeds dat mes en een knoflook in zijn hand vasthad. Door toedoen van [verdachte] heb ik nu diverse verwondingen. Het lukte mij om op te staan en heb geprobeerd te vluchten, maar [verdachte] bleef achter mij aanzitten in de woning. Het lukte mij om naar de voordeur te rennen en naar buiten te gaan. Buiten de woning bleef [verdachte] achter mij aanrennen en hij duwde mij hard omver. Het lukte mij om weer op te staan en weg te vluchten de woning van [verdachte] in.
3.
Proces-verbaal van de politie, verklaring aangeefster [slachtoffer]
Vraag verbalisant: een politiemedewerker die ter plaatse kwam heeft foto’s gemaakt van uw letsel. Op een van de foto’s zag ik een snee waar bloed uit kwam. Hoe was dat veroorzaakt?
Antwoord: deze is veroorzaakt door het mes waarmee [verdachte] mij bedreigde en stekende bewegingen mee maakte. Toen we om de tafel aan het rennen waren maakte [verdachte] diverse stekende bewegingen in mijn richting. Later zag ik dit mes op een tafel liggen in de huiskamer. Ik zag dat het ijzeren gedeelte krom was.
Vraag verbalisant: ik zag ook een verwonding in uw knieholte. Hoe was dat ontstaan?
Antwoord: ik heb met heel mijn lichaam gevochten tegen [verdachte] .
4.
Proces-verbaal van de politie
Op 23 februari 2022 kwam ik ter plaatse op de [adres] te Rotterdam. Toen wij de lift uitstapten zagen wij [verdachte] liggen in de deuropening van pand [huisnummer X] . Ik hoorde [verdachte] zeggen dat hij op huisnummer [huisnummer Y] woonde, waarna ik naar de voordeur van huisnummer [huisnummer Y] liep. Na aanbellen werd de deur geopend door [slachtoffer] . Ik zag dat [slachtoffer] zichtbaar letsel had. Ik zag dat zij bloed aan de onderzijde van haar rug/lende had. Tevens zag ik dat zij ook een verwonding had in haar linker knieholte. [slachtoffer] vertelde dat [verdachte] haar had mishandeld en dat hij met een mes in zijn hand bovenop haar had gezeten.
Terwijl ik met [slachtoffer] in gesprek was, zag ik dat er op de eettafel een steakmes lag, waarvan het lemmet verbogen was.
5.
Deskundigenverslag
Medische informatie betreffende [slachtoffer] .
Informatie ontvangen van huisarts over bezoek aldaar op 26-2-2022.
Objectieve gegevens: in de linker knieholte werd een oppervlakkige wond gezien met roodheid eromheen.
Geschatte genezingsduur: bij ongecompliceerd beloop +/- 2 weken.