ECLI:NL:RBROT:2026:391
Rechtbank Rotterdam
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Herstel van verzet en vaststelling dwangsom wegens niet tijdig beslissen door Dienst Toeslagen
Deze bestuursrechtelijke uitspraak betreft het verzet van een belanghebbende tegen een eerdere uitspraak van de rechtbank waarin het beroep wegens niet tijdig beslissen op bezwaar niet-ontvankelijk werd verklaard. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling door de belanghebbende niet prematuur was, mede gelet op een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De rechtbank stelt vast dat het beroep wegens niet tijdig beslissen terecht is ingesteld en dat de Dienst Toeslagen de volledige dwangsom van €1.442 heeft verbeurd. Tevens wordt het griffierecht van €51 aan de belanghebbende vergoed en wordt een proceskostenvergoeding van €700,50 toegekend.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en vervangt de eerdere uitspraak. Er is geen hoger beroep mogelijk tegen deze verzetuitspraak. De rechtbank benadrukt dat de Dienst Toeslagen haar verplichtingen niet tijdig is nagekomen, waardoor de dwangsom is verschuldigd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het verzet gegrond, vernietigt de eerdere uitspraak en stelt een dwangsom van €1.442 vast wegens niet tijdig beslissen door de Dienst Toeslagen.