ECLI:NL:RBROT:2026:392

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
9 januari 2026
Publicatiedatum
20 januari 2026
Zaaknummer
ROT 25/1407
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4.4 TelecommunicatiewetArt. 4.7 TelecommunicatiewetArt. 3.6b Besluit universele dienstverlening en eindgebruikersbelangenArt. 6:193c BWArt. 6:193d BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling intrekking informatienummer wegens kennelijk misbruik door misleidende tarifering

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft het informatienummer van eiseres ingetrokken wegens kennelijk misbruik van de tarifering door misleidende informatie te verstrekken en essentiële informatie weg te laten. De ACM voerde aan dat bellers werden misleid door het ontbreken van duidelijke identificatie en het suggereren van klantenservice van andere bedrijven, terwijl feitelijk geen dienst werd geleverd.

Eiseres voerde aan dat zij het nummer gebruikte voor bouwadvies en dat de wachttijden minimaal waren, met kosteloze terugbelopties. Tevens stelde zij dat de ACM zich schuldig maakte aan uitlokking en dat de intrekking disproportioneel was. De rechtbank oordeelde dat de ACM voldoende bewijs had geleverd en dat er geen sprake was van uitlokking. De procedurele bezwaren over beperkte kennisneming van stukken werden eveneens verworpen.

De rechtbank stelde vast dat de intrekking proportioneel en evenredig was en dat eiseres geen concrete vergelijkbare gevallen had aangevoerd om het gelijkheidsbeginsel te onderbouwen. Het beroep werd ongegrond verklaard, het bestreden besluit bleef in stand en er werd geen schadevergoeding toegekend.

Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de intrekking van het informatienummer wordt ongegrond verklaard en het besluit van de ACM blijft in stand.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 25/1407

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 januari 2026 in de zaak tussen

[naam eiseres] , uit [plaats] , eiseres

(gemachtigde: [naam gemachtigde] ),
en

Autoriteit Consument & Markt

(gemachtigde: mr. M. Rekker en mr. dr. A.N. Vroege).

Samenvatting

1. Deze uitspraak gaat over de intrekking van het informatienummer [telefoonnummer] . Eiseres is het niet eens met de intrekking en voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank of de intrekking in stand blijft.
1.1.
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de ACM voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eiseres zich schuldig heeft gemaakt aan kennelijk misbruik van de tarifering van het informatienummer door misleidende informatie te verstrekken en essentiële informatie weg te laten. De ACM kon daarom overgaan tot intrekking van het nummer. Van uitlokking door de ACM is geen sprake. De intrekking is evenredig en niet in strijd met het gelijkheidsbeginsel of het vertrouwensbeginsel. Eiseres krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Op 5 december 2017 heeft de ACM het informatienummer [telefoonnummer] toegekend aan [bedrijf X] . ( [bedrijf X] ). [bedrijf X] heeft het nummer in gebruik gegeven aan eiseres.
2.1.
De ACM heeft VodafoneZiggo op 19 juni 2024 telefonisch, op 20 juni 2024 schriftelijk, de aanwijzing gegeven de aankiesbaarheid van het informatienummer [telefoonnummer] en de daarbij behorende uitbetalingen op te schorten voor een periode van vier weken. Met een besluit van 16 juli 2024 heeft de ACM het informatienummer ingetrokken (het intrekkingsbesluit).
2.2.
Met een besluit van 5 december 2024 op het bezwaar van eiseres (het bestreden besluit) is de ACM bij de intrekking van het informatienummer gebleven.
2.3.
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.
2.4.
De ACM heeft een verweerschrift en stukken ingediend. Voor een deel van die stukken (vertrouwelijke stukken) heeft de ACM de rechtbank medegedeeld dat alleen zij daarvan kennis mag nemen. De ACM heeft de rechtbank verzocht te beslissen dat deze beperkte kennisneming gerechtvaardigd is.
2.5.
De rechter-commissaris heeft de beperking van de kennisneming van vijf documenten beoordeeld. Bij beslissing van 5 september 2025 in de zaak ROT 25/1407 heeft de rechter-commissaris van twee van de vijf vertrouwelijke stukken gedeeltelijk beperkte kennisname gerechtvaardigd geacht. Ten aanzien van deze stukken is eiseres verzocht de toestemming als bedoeld in artikel 8:29, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) te verlenen. Eiseres heeft deze toestemming niet verleend. De rechter-commissaris heeft de ACM verzocht de overige drie stukken waarvan beperkte kennisname niet gerechtvaardigd is, alsnog in onbewerkte vorm aan eiseres te verzenden.
2.6.
Eiseres heeft op 29 oktober 2025, twee dagen voor de zitting, om aanhouding verzocht. De rechtbank heeft het verzoek om aanhouding op dezelfde dag afgewezen.
2.7.
De rechtbank heeft het beroep op 31 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben de gemachtigden van de ACM deelgenomen. Eiseres heeft zich een dag voor de zitting afgemeld maar bij haar brief wel een pleitnota meegestuurd.

Wettelijk kader en besluitvorming

3. In de bijlage is de relevante wet- en regelgeving opgenomen.
4. In mei en juni van 2024 hebben toezichthoudende ambtenaren van de ACM een onderzoek ingesteld naar het informatienummer. Uit de verslagen van de ambtshandelingen blijkt dat een zoekopdracht via Google op
bol klantenserviceeen 020-nummer van eiseres als tweede zoekresultaat weergaf. De toezichthouders hebben controles uitgevoerd door meermaals naar het nummer te bellen. Bellers naar het nummer kregen een voicemailbericht te horen waarin werd verwezen naar het informatienummer [telefoonnummer] van eiseres. Vervolgens hebben de toezichthouders controles uitgevoerd door naar het informatienummer te bellen. Tijdens deze controles is de ACM gebleken dat de praktijk van eiseres erop was gericht om de duur van de oproepen naar het informatienummer te verlengen, zonder dat bellers een dienst werden geleverd. De ACM heeft vastgesteld dat in de (geautomatiseerde) meldingen die die tijdens de wachtperiode bij de aanvang van de oproep werden afgespeeld, geen melding werd gemaakt van de naam
[naam eiseres]. De consument werd bij aanvang en gedurende de periode dat hij in de wacht stond, niet geïnformeerd wie de nummergebruiker was. Medewerkers van het informatienummer stelden zich voor als klantenservice voor diverse merken, producten en websites. In een enkel geval werd ook Klarna genoemd. De toezichthoudende ambtenaren hebben medegedeeld dat zij voor Bol.com belden. Ondanks dat eiseres niet de klantenservice van Bol.com verzorgde, werden bellers eerst aan de lijn gehouden, terwijl de medewerkers van het informatienummer verdere informatie voor de bellers uitzochten. Op het moment dat bellers blijk gaven dat zij in de veronderstelling verkeerden verbonden te zijn met de klantenservice van Bol.com, corrigeerden de medewerkers deze veronderstelling niet. Vervolgens bleek dat de bellers niet konden worden geholpen, waarop werd aangeboden om hen kosteloos terug te bellen. Voor deze telefoongesprekken naar het informatienummer bracht eiseres € 0,80 per minuut in rekening. De ACM heeft de belgegevens van het informatienummer [telefoonnummer] bij VodafoneZiggo opgevraagd. In de periode van 1 april tot en met 17 juni 2024 werd er 25.817 keer naar het informatienummer [telefoonnummer] gebeld. Deze gesprekken hebben in totaal 169.873 minuten geduurd.
4.1.
Eiseres is op de hoogte gesteld van de aanwijzing van de ACM aan VodafoneZiggo om de aankiesbaarheid van het informatienummer en de bijbehorende uitbetaling op te schorten. Hierbij heeft de ACM eiseres in de gelegenheid gesteld een schriftelijke zienswijze in te dienen. Eiseres heeft in een reactie laten weten dat zij een bouwbedrijf is en potentiële klanten te woord staat met advies en raad en dat zij de buitengebruikstelling van het informatienummer onbehoorlijk en onrechtmatig vindt.
4.2.
In het intrekkingsbesluit heeft de ACM vastgesteld dat eiseres in elk geval in de periode van 17 mei tot en met 13 juni 2024 kennelijk misbruik heeft gemaakt van de tarifering van het informatienummer en daarom heeft de ACM de toekenning van het nummer ingetrokken. Het kennelijke misbruik bestaat er volgens de ACM uit dat eiseres het informatienummer [telefoonnummer] heeft gebruikt om misbruik te maken van de omstandigheid dat de consument moet bellen en in gesprek moet blijven om een dienst te kunnen afnemen, die vervolgens niet werd geleverd. Dit kwalificeert als kennelijk misbruik van de tarifering van een informatienummer zoals bedoeld in artikel 4.4 van de Telecommunicatiewet (Tw) jo. artikel 3.6b van het Besluit universele dienstverlening en eindgebruikersbelangen (Bude).
4.3.
In bezwaar heeft eiseres aangevoerd dat het handelen van de ambtenaren van de ACM als uitlokking moet worden gekwalificeerd. Verder hebben de ambtenaren zelf tijdens de oproep een misverstand veroorzaakt, waardoor zij onnodig lang aan de lijn moesten blijven. Eiseres heeft juist gehandeld door de verbinding te verbreken, kosteloos terug te bellen en bellers door te verbinden met de klantenservice van Bol.com.
4.4.
Met het bestreden besluit heeft de ACM de intrekking van het informatienummer gehandhaafd. Aan de besluitvorming heeft de ACM ten grondslag gelegd dat zij vanuit haar wettelijke taak toezicht houdt op de naleving van de Telecommunicatiewet. Dit betekent onder andere dat zij onderzoek doet naar gevallen waarin mogelijk sprake is van misbruik in de zin van artikel 4.4 van de Tw en artikel 3.6b van het Bude. Bellen naar een informatienummer is in deze context een gangbare manier van toezicht en controle uitvoeren. Uit de bevindingen van de toezichthoudend ambtenaren heeft de ACM geconcludeerd dat de praktijk van eiseres erop was gericht om de duur van oproepen naar het informatienummer [telefoonnummer] te verlengen, zonder dat zij een dienst leverde aan de bellers. Het kennelijk misbruik van de tarifering van een nummer bestond uit het weglaten van essentiële informatie en het verstrekken van misleidende informatie. Uit de verslagen van ambtshandelingen blijkt immers dat vragen die betrekking hebben op Bol.com werden beantwoord door de persoon die namens eiseres sprak, en dat eiseres de bellers geen dienst heeft geleverd via het informatienummer [telefoonnummer] . Ook acht de ACM hierbij van belang dat bij de aanvang van een oproep in de geautomatiseerde berichtgeving geen melding werd gemaakt van de naam van eiseres. Daarmee heeft eiseres verzuimd om essentiële informatie over haar identiteit aan de consument te geven. In plaats daarvan vermeldden de telefonisch medewerkers dat de beller verbonden was met een ‘klantenservice van verschillende bedrijven en websites’. Ook vroegen deze medewerkers onder meer of gebeld werd ‘voor Klarna of voor een ander bedrijf. Daarmee werd niet slechts essentiële informatie weggelaten, maar werd misleidende informatie verstrekt waardoor de beller in de waan werd gelaten te bellen naar de klantenservice van een ander bedrijf. De vermelding van het bedrijf Klarna - welke anders dan eiseres stelt niet in één maar in twee verslagen voorkomt - duidt erop dat deze misleiding niet slechts bellers voor Bol.com betrof, maar ook voor andere bedrijven. Dat de toezichthouders in drie van de vier gevallen door eiseres kosteloos werden teruggebeld en werden doorverbonden naar het telefoonnummer van Bol.com, maakt het voorgaande niet anders. Op dat moment heeft de beller immers reeds (onnodig) betaald voor het bellen naar het informatienummer. Ook kan het doorverbinden niet als een dienst van eiseres worden aangemerkt. Het is immers Bol.com die de werkelijke informatiedienst verschaft. Van de door eiseres gestelde schending van het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel is volgens de ACM geen sprake. Eiseres heeft niet naar een vergelijkbaar geval verwezen of naar uitlatingen van de bepaalde ambtenaren werkzaam bij de ACM, maar naar een algemene waarschuwing voor telecombedrijven in het kader van netneutraliteit. De intrekking is volgens de ACM gerechtvaardigd omdat het belang dat eiseres heeft bij legitiem gebruik van het informatienummer, niet opweegt tegen de mogelijkheid dat eiseres het nummer opnieuw misbruikt en dat consumenten worden misleid.

Beoordeling door de rechtbank

5. Voordat de rechtbank toekomt aan een inhoudelijke beoordeling van de beroepsgronden, beoordeelt zij eerst enkele procedurele kwesties over de beperkte kennisname van de stukken die de ACM heeft ingebracht en de goede procesorde.
Vertrouwelijke stukken en goede procesorde
6. Eiseres voert aan dat sprake is van schending met de beginselen van hoor- en wederhoor,
equality of armsen het recht op een eerlijk proces. Daartoe voert eiseres aan dat zij zich niet voldoende heeft kunnen voorbereiden, omdat de ACM heeft nagelaten de beslissing en het verzoek van de rechter-commissaris van 5 september 2025 op te volgen en de drie stukken die eerder als vertrouwelijk zijn aangemerkt in onbewerkte vorm aan eiseres op te sturen en omdat eiseres geen inzage krijgt in de twee overige stukken waarvan de rechter-commissaris de beperkte kennisname gerechtvaardigd acht.
6.1.
De rechtbank stelt vast dat eiseres geen toestemming heeft gegeven aan de rechtbank om kennis te nemen van de twee stukken waarover de rechter-commissaris heeft beslist dat beperkte kennisneming gerechtvaardigd is. Daarom heeft de rechtbank geen kennis genomen van die stukken. Bij deze stand van zaken volstaat de rechtbank met verwijzing naar het oordeel van de rechter-commissaris dat de beperkte kennisname van die stukken gerechtvaardigd is waarin ook al is ingegaan op de bezwaren van eiseres tegen de verzochte beperkte kennisname.
6.2.
Op de zitting heeft ACM toegelicht dat zij per versleutelde e-mail van 18 september 2025 de geschoonde versies van de drie gedingstukken aan eiseres heeft toegestuurd. De ACM heeft een kopie van deze e-mail overgelegd. Ook heeft de ACM toegelicht dat eerder in de procedure via het gebruikte e-mailadres is gecorrespondeerd en volgens de gegevens van de versleutelde transferdienst is gebleken dat eiseres de documenten niet heeft gedownload.
6.3.
De rechtbank merkt allereerst op dat de rechter-commissaris heeft bepaald dat de ACM de stukken 2, 10 en 18 in ongeschoonde vorm moet indienen omdat de namen die daarin waren weggestreept in de openbare stukken waren opgenomen. Die openbare stukken waren al aan eiseres toegestuurd zodat zij daar al kennis van heeft kunnen nemen. Alleen al om die reden slaagt het betoog van eiseres niet. De rechtbank is overigens van oordeel dat de ACM aannemelijk heeft gemaakt dat zij het verzoek van de rechter-commissaris tijdig heeft opgevolgd. Eiseres heeft de geschoonde versies van de documenten zes weken voor de zitting toegestuurd gekregen. Er resteerde voor eiseres voldoende tijd om zich over deze stukken uit te laten als zij dat wenste. Bovendien zijn in de drie gedingstukken die opnieuw aan eiseres zijn toegestuurd, alleen de namen van enkele medewerkers van Vodafone/Ziggo weggelaten, zodat eiseres ook met de geanonimiseerde versies van de gedingstukken niet is beperkt in haar voorbereiding. Er is daarom om al deze redenen geen sprake van schending van de beginselen van hoor- en wederhoor,
equality of armsen het recht op een eerlijk proces.
Is sprake van uitlokking?
7. Eiseres stelt dat de handelingen van de toezichthoudend ambtenaren van de ACM moeten worden gekwalificeerd als een vorm van ontoelaatbare uitlokking, omdat zij een misleidende en actieve benadering toepaste en zich in een valse hoedanigheid voordeden als klanten van Bol.com, waarmee de ACM zelf verwarring heeft gecreëerd.
7.1.
Deze beroepsgrond slaagt niet. Met de ACM is de rechtbank van oordeel dat geen sprake is van ontoelaatbare uitlokking, zodat de ACM wel bewijswaarde aan de controlegesprekken mocht toekennen. De ACM heeft met de gevoerde telefoongesprekken bewijs vergaard in het kader van de uitoefening van bestuursrechtelijk toezicht op de naleving van de Tw en daarop gebaseerde regelgeving. Het bellen naar een informatienummer is in die context een gebruikelijke manier om te controleren of het gebruik van het nummer voldoet aan de regelgeving. Hierbij is naar het oordeel van de rechtbank relevant dat uit de ambtsverslagen blijkt dat de toezichthoudende ambtenaren de medewerkers van het informatienummer niet hebben aangezet zich op een andere wijze te gedragen of andere informatie te geven dan zij anders zouden hebben gedaan. [1] Het standpunt van eiseres dat de toezichthoudende ambtenaren van de ACM zelf verwarring hebben veroorzaakt, vindt de rechtbank niet geloofwaardig. De ambtenaren hebben slechts bij aanvang gemeld dat zij belden voor een pakketje van Bol.com en zij hebben verder alleen vragen gesteld. Deze handelwijze is volgens de rechtbank niet disproportioneel, omdat een andere wijze van controle ertoe zou leiden dat eiseres op de hoogte zou raken van de controle, waardoor de controle niet meer effectief zou zijn.
Beoordeling van het bestreden besluit
Onjuiste vaststelling misbruik
8. Eiseres voert aan dat de ACM zich ten onrechte op het standpunt stelt dat eiseres misbruik maakt van het informatienummer. Eiseres stelt het 0900-nummer uitsluitend te gebruiken om aan potentiële klanten bouwadvies te geven tegen een bescheiden vergoeding. De wachttijden worden tot een minimum beperkt en bellers worden kosteloos teruggebeld om onnodige kosten te vermijden. Voor de gemiddelde consument is het duidelijk dat men verbonden is met een bouwbedrijf.
8.1.
Deze beroepsgrond slaagt niet. De rechtbank is van oordeel dat de ACM in het bestreden besluit voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eiseres zich schuldig heeft gemaakt aan het verstrekken van feitelijk onjuiste informatie of informatie die de gemiddelde consument misleidt of kan misleiden en het weglaten van essentiële informatie. De enkele betwisting van eiseres is onvoldoende om aan de juistheid van de ambtelijke verslaglegging te twijfelen. Daar komt bij dat de beroepsgronden identiek zijn aan de bezwaargronden, en de ACM al in het bestreden besluit uitgebreid heeft gereageerd op die gronden en heeft onderbouwd waarom er sprake is van misbruik van de tarifering. Eiseres legt in beroep niet uit waarom de motivering in het bestreden besluit onjuist zou zijn.
Schending van rechtsbeginselen
9. Eiseres stelt dat de ACM met het bestreden besluit het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel heeft geschonden, omdat zij een inconsistente handhavingspraktijk voert. Eiseres wijst daarbij op een publicatie uit 2016 waaruit volgt dat de ACM bedrijven in het kader van netneutraliteit eerst een waarschuwing geeft
.Eiseres voert verder aan dat de intrekking niet in verhouding staat tot de vermeende overtreding en dat een waarschuwing of een informeel overleg meer op zijn plaats had geweest.
9.1.
Deze beroepsgronden slagen niet. Van strijd met een van de door eiseres aangehaalde rechtsbeginselen is geen sprake. De rechtbank licht dit toe.
9.2.
Voor een geslaagd beroep op het gelijkheidsbeginsel dient eiseres haar beroep te onderbouwen met concrete gevallen die op relevante punten vergelijkbaar zijn met haar situatie. Met een enkele verwijzing naar een publicatie met een algemene waarschuwing aan bedrijven in het kader van netneutraliteit is eiseres hier niet in geslaagd. De openbare waarschuwing in het kader van de netneutraliteit levert evenmin een toezegging op waar eiseres enig vertrouwen aan mocht ontlenen, zodat van strijd met het vertrouwensbeginsel ook geen sprake is.
9.3.
Met de ACM is de rechtbank van oordeel dat de intrekking een geschikt, noodzakelijk en evenwichtig middel is, zodat geen sprake is van schending van het evenredigheidsbeginsel. Door het informatienummer in te trekken, wordt verzekerd dat het misbruik definitief wordt beëindigd. De ACM heeft eiseres in de gelegenheid gesteld om het door haar gestelde legitieme gebruik van het informatienummer te onderbouwen met documentatie. Van deze gelegenheid heeft eiseres geen gebruik gemaakt. Gelet hierop mocht de ACM ervan uitgaan dat het nummer slechts voor misleidende doeleinden werd gebruikt. Intrekking van het nummer is dan noodzakelijk en evenwichtig.

Conclusie en gevolgen

10. De beroepsgronden slagen niet. Het beroep is daarom ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Omdat het bestreden besluit in stand blijft is er ook geen grond voor de door eiseres gevraagde schadevergoeding. Eiseres krijgt het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C. Rop, rechter, in aanwezigheid van mr. N. Haasnoot, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 9 januari 2026.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het College van Beroep voor het bedrijfsleven waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het College van Beroep voor het bedrijfsleven, Postbus 20021, 2500 EA ’s-Gravenhage.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van het College van Beroep voor het bedrijfsleven vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Bijlage

Telecommunicatiewet

Artikel 4.4

1. Bij algemene maatregel van bestuur wordt bepaald welke gedragingen van een nummergebruiker voor de Autoriteit Consument en Markt aanleiding kunnen zijn om:
a. de toekenning van een nummer te weigeren, op te schorten of in te trekken,
b. de aanbieder van een openbare elektronische communicatiedienst een aanwijzing te geven de betaling die gerelateerd is aan het betreffende nummer op te schorten overeenkomstig artikel 7.3a, of
c. de aanbieder van een openbare elektronische communicatiedienst een aanwijzing te geven de aankiesbaarheid van het desbetreffende nummer op te schorten overeenkomstig artikel 7.3b, eerste lid.
2. De gedragingen hebben betrekking op het kennelijk misbruik maken van de tarifering van een nummer.

Artikel 4.7

(…)
4. Een toekenning kan door de Autoriteit Consument en Markt worden opgeschort voor een door de Autoriteit Consument en Markt te bepalen termijn of worden ingetrokken, indien:
a. de nummerhouder of de nummergebruiker de bij of krachtens deze wet met betrekking tot nummers gestelde regels of de aan het toekenningsbesluit verbonden voorschriften niet nakomt;
(…)
Besluit universele dienstverlening en eindgebruikersbelangen

Artikel 3.6b

1. Als gedragingen die betrekking hebben op het kennelijk misbruik maken van de tarifering van een nummer worden aangewezen het voorafgaand aan het leveren van een aan een oproep verbonden dienst:
a. verstrekken van feitelijk onjuiste informatie of informatie die de gemiddelde consument misleidt of kan misleiden als bedoeld in artikel 193c, eerste lid, en tweede lid, onderdeel b, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek,
b. weglaten van essentiële informatie als bedoeld in artikel 193d, tweede lid, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek.
(…)

Toelichting (Stb. 2008, 119)

(…)
Bij de onder b bedoelde gevallen wordt de beller lang aan de lijn gehouden, tot 10 à 20 minuten, zonder dat hij uiteindelijk met iemand spreekt of dat aan hem een dienst wordt verleend (zogenoemde «loze nummers»).
(…)
Beleidsregel toekenning en intrekking 090x- en 18xynummers

Artikel 4

1. In artikel 3.6b, eerste lid, onder b, van het Bude is bepaald welke gedragingen betrekking hebben op het kennelijk misbruik maken van de tarifering van een nummer. Hiervoor wordt verwezen naar artikel 6:193d van het Burgerlijk Wetboek. In deze context kan de ACM onder het verstrekken van essentiële informatie onder meer verstaan, dat:
a. de identiteit van de nummergebruiker bij de aanvang van de dienst kenbaar wordt gemaakt;
b. de voornaamste kenmerken van de dienst bij de aanvang van de dienst kenbaar worden gemaakt; en
c. in het geval er een doorschakeling plaatsvindt tijdens het gesprek, de beller hiervan bij de aanvang van de dienst op de hoogte moet worden gesteld, alsmede van het feit dat de nummergebruiker aanbieder is van een doorverbindservice, plus het tarief dat geldt na doorschakeling.
2. De in het eerste lid, onder a, bedoelde informatie moet door de nummergebruiker ook kenbaar worden gemaakt in alle openbare uitingen die betrekking hebben op het nummer.
3. Bij de beoordeling of essentiële informatie is weggelaten of verborgen is gehouden, neemt de ACM de feitelijke context, de beperkingen van het communicatiemedium en de maatregelen die zijn genomen om de informatie langs andere wegen ter beschikking van de consument te stellen, in aanmerking.

Voetnoten

1.Vergelijk CRvB 1 maart 2016, r.o. 4.6.7, ECLI:NL:CRVB:2016:736.