De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering tot verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige jongens, geboren in 2012 en 2015. De moeder oefent het ouderlijk gezag uit, maar de jongens verblijven op geheime locaties, respectievelijk op een gesloten en een open groep.
De kinderrechter heeft vastgesteld dat de jongens ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd en dat de hulpverlening noodzakelijk is. De samenwerking tussen de moeder en de GI verloopt moeizaam, waardoor belangrijke toestemmingen voor zorg en verblijf uitblijven. De moeder heeft geen eigen woning, en er is al langere tijd geen fysiek contact tussen haar en de kinderen.
De kinderrechter verlengt daarom de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van een jaar. Voor de oudste minderjarige wordt een gesloten machtiging slechts tijdelijk verleend, met het oog op een spoedige overplaatsing naar een meer passende open groep. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en tegen deze beslissing is hoger beroep mogelijk.