Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 mei 2026 in de zaak tussen
[eiser], uit Rotterdam, eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Samenvatting
De rechtbank komt in de uitspraak tot het oordeel dat verweerder de VOG onterecht heeft geweigerd, omdat de wet in dit geval niet voorziet in de mogelijkheid een VOG te weigeren op basis van alleen een politiegegeven.
Procesverloop
[naam 2].
Wat aan het bestreden besluit vooraf ging
Het bestreden besluit
Verweerder overweegt daarbij dat hij zich realiseert dat geen VOG-politiegegevens is aangevraagd, omdat de beoogde functie niet valt onder de hogere integriteitseisen waarvoor een VOG-politiegegevens wettelijk verplicht is. Dit neemt volgens verweerder niet weg dat politiegegevens wel degelijk relevant kunnen zijn voor een volledige screening voor het werken met minderjarigen. Juist ook politiegegevens kunnen blijk geven van het bestaan van ernstige bezwaren tegen het werken met minderjarigen. Verweerder stelt in dat verband inmiddels bekend te zijn met een aantal zorgelijke casussen, waaronder deze, die tijdens de wettelijke invoering van de VOG en het opstellen van de beleidsregels niet waren voorzien. Op verzoek van verweerder is het WODC dan ook een onderzoek gestart naar het toevoegen van strafrechtelijke bronnen bij de VOG-screening voor het werken met minderjarigen.
Het standpunt van eiser in beroep
Het standpunt van verweerder in beroep
Welke rechtsregels zijn in deze zaak van belang?
Alleen bij nader aangewezen functies die een hoge mate van integriteit vereisen kan verweerder de VOG ook weigeren op basis van een politiegegeven. Dit is afzonderlijk voor deze functies geregeld in artikel 35a Wjsg.
Verweerder heeft verder in zijn beleidsregels vastgelegd dat bij een “gewone” VOG-aanvraag een terugkijktermijn van vier jaar wordt gehanteerd, behalve als in het JDS specifieke (ernstige) delicten staan vermeld. Als er over de voorgaande vier jaar geen strafbaar feit in het JDS staat, verleent verweerder volgens de beleidsregels de VOG. Dit is alleen anders bij een bijzondere weigeringsgrond. Die doet zich voor bij een justitieel gegeven buiten de terugkijktermijn, waarvan de aard en de ernst zodanig is dat, gelet op het doel van de aanvraag en het risico voor de samenleving, verweerder de belemmering voor de behoorlijke uitoefening van de beoogde functie/taak/bezigheid te groot acht. Daaronder valt een justitieel gegeven over een misdrijf dat is gericht tegen een kind en de VOG wordt aangevraagd voor een functie die ziet op het werken met kinderen. In dat geval kan twintig jaar worden teruggekeken.
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit van 11 juni 2025;
- draagt de staatssecretaris op om binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 194,- aan eiser te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 3.200,-.
mr. M. Lammerse, griffier.
Informatie over hoger beroep
Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wettelijke regels en beleidsregels
Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens
2. Voor aanwijzing bij ministeriële regeling komen functies in aanmerking waarin sprake is van:
Beleidsregels VOG-NP-RP 2024
(…)
1. VOG
2. VOG politiegegevens
- Indien het justitiële gegevens betreft over seksuele misdrijven (…);
- Indien het justitiële gegevens betreft over terroristische misdrijven of misdrijven ter voorbereiding of vergemakkelijking van een terroristisch misdrijf (…).
Indien in de voor de aanvraag van toepassing zijnde terugkijktermijn relevante justitiële gegevens zijn aangetroffen, betrekt het COVOG bij de beoordeling van de aanvraag ook alle overige voor de aanvraag relevante justitiële gegevens die buiten de terugkijktermijn liggen in de beoordeling van de aanvraag. Aan deze strafbare feiten komt, nu deze buiten de terugkijktermijn hebben plaatsgevonden, onvoldoende gewicht toe om zelfstandig te worden betrokken bij de beoordeling van de VOG- aanvraag. Deze strafbare feiten worden echter wel betrokken bij de subjectieve criteria en zullen derhalve een rol spelen bij de belangenafweging. Op grond van de zowel binnen als buiten de termijn aangetroffen strafbare feiten wordt een inschatting gemaakt van het risico dat de aanvrager opnieuw met justitie in aanraking komt.
– de afdoening van de strafzaak;
– het tijdsverloop;
– de hoeveelheid antecedenten.
(…)
Naast justitiële gegevens kunnen ook politiegegevens de beoordeling worden betrokken. In de politiesystemen kunnen bijvoorbeeld mutaties omtrent strafbare feiten aanwezig zijn, opgemaakte processen-verbaal en (dag)rapporten. Ondanks het feit dat deze informatie niet in alle gevallen tot vervolging heeft geleid, kan deze bij de beoordeling van de aanvraag worden meegewogen. Hierdoor wordt een betrouwbaar beeld verkregen van de integriteit van de aanvrager.
(…)
- een justitieel gegeven over een misdrijf dat is gericht tegen een kind en de VOG wordt aangevraagd voor een functie die ziet op het werken met kinderen.