ECLI:NL:RBROT:2026:7287

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
26 juni 2026
Publicatiedatum
23 juni 2026
Zaaknummer
11638534 CV EXPL 25-9022
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119a BWArt. 6:119 BWArt. 233 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging verstekvonnis en vermindering hoofdsom leasevordering wegens onvoldoende bewijs

Partijen sloten op 15 juni 2023 een leaseovereenkomst voor één bezorgscooter. Lease Express vorderde betaling van € 5.757,72 wegens niet-betaalde leasetermijnen en bijkomende kosten. De rechtbank kende dit toe in een verstekvonnis. Gedaagde stelde verzet in en erkende slechts drie facturen en het eigen risico van € 1.500,-.

De rechtbank vernietigde het verstekvonnis omdat de vordering te hoog was. De erkende facturen van € 1.097,87 en het eigen risico werden toegewezen, waarbij het eigen risico nog openstond wegens ontbreken van betalingsbewijs. De overige facturen werden afgewezen omdat Lease Express onvoldoende inzicht gaf welke facturen onder de leaseovereenkomst vielen.

Incassokosten werden berekend over de toe te wijzen hoofdsom en toegewezen. De wettelijke rente werd toegekend over het verschuldigde bedrag. Proceskosten van de verzetprocedure werden gecompenseerd, maar de kosten van de verstekprocedure bleven voor rekening van gedaagde. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Het verstekvonnis wordt vernietigd en gedaagde moet een lagere hoofdsom van € 2.597,87 met rente en incassokosten aan Lease Express betalen.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11638534 CV EXPL 25-9022
datum uitspraak: 26 juni 2026
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Lease Express B.V.,
vestigingsplaats: Kaag en Braassem,
eiseres,
gedaagde in verzet,
gemachtigde: mr. J. Pearson,
tegen

1.[gedaagde 1],

vestigingsplaats: Rotterdam,
2. [gedaagde 2]vennoot van gedaagde sub 1,
woonplaats: [woonplaats],
3. [gedaagde 3]vennoot van gedaagde sub 1,
woonplaats: [woonplaats],
gedaagden,
eisers in verzet,
die zelf procederen.
Eiseres wordt hierna ‘Lease Express’ genoemd en gedaagden worden hierna gezamenlijk ‘[gedaagde partij]’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 30 december 2024, met bijlagen;
  • het verstekvonnis van deze rechtbank van 28 januari 2025 met zaaknummer 11486609 CV EXPL 25-800;
  • de verzetdagvaarding van 5 maart 2025, met bijlagen;
  • de akte van Lease Express van 21 april 2026, met bijlagen;
  • de akte van [gedaagde partij] van 27 mei 2026, met bijlagen.
1.2.
Op 30 maart 2026 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij was mr. D.G. van Dam aanwezig namens de gemachtigde van Lease Express. [gedaagde partij] is, hoewel daarvoor op de juiste wijze opgeroepen, zonder bericht, niet verschenen.

2.De beoordeling

Waar gaat de zaak over?
2.1.
Partijen hebben op 15 juni 2023 een leaseovereenkomst met elkaar gesloten. Op grond van deze overeenkomst heeft Lease Express één bezorgscooter aan [gedaagde partij] ter beschikking gesteld. Volgens Lease Express heeft [gedaagde partij] de leasetermijnen en bijkomende kosten niet tijdig betaald. Zij heeft daarom in de inleidende dagvaarding betaling van € 5.757,72 gevorderd, vermeerderd met rente en kosten. Deze vordering is toegewezen in het verstekvonnis. [gedaagde partij] is het daar niet mee eens en heeft verzet ingesteld.
Verzet
2.2.
[gedaagde partij] heeft erkend dat zij drie facturen nog moet betalen. De overige facturen worden door haar betwist. De kantonrechter oordeelt dat [gedaagde partij] nog
€ 2.597,87 aan hoofdsom is verschuldigd. Het verstekvonnis, waarin een hoger bedrag was toegewezen, wordt daarom vernietigd. Hierna wordt deze beslissing uitgelegd.
Erkende facturen
2.3.
[gedaagde partij] erkent de verschuldigdheid van drie facturen van in totaal € 1.097,87. Dit deel van de vordering wordt dus toegewezen.
Eigen risico
2.4.
Lease Express vordert onder meer het eigen risico van € 1.500,- vanwege schade na een scooterongeluk. [gedaagde partij] erkent dat zij dit bedrag verschuldigd was, maar stelt dat zij dit al heeft betaald. Zij heeft van die betaling echter geen onderbouwing, zoals een bankafschrift of ander betaalbewijs, overgelegd. Omdat dit wel van haar had mogen worden verwacht, wordt ervan uitgegaan dat het bedrag nog openstaat. Geoordeeld wordt daarom dat [gedaagde partij] nog € 1.500,- aan eigen risico moet betalen.
Overige facturen
2.5.
In de inleidende dagvaarding heeft Lease Express haar vordering gebaseerd op een leaseovereenkomst van 15 juni 2023 voor één bezorgscooter. Op de specificatie van de vordering staan echter facturen die zien op meer dan één kenteken. Lease Express is de mogelijkheid geboden om dit nader toe te lichten. Dat heeft zij gedaan in een akte van 21 april 2026. Geoordeeld wordt echter dat daarin niet inzichtelijk is gemaakt welke facturen en welke kentekens nu precies horen bij de overeenkomst van 15 juni 2023 en dat dus voor de verschuldigdheid van die facturen onvoldoende is gesteld. Dit deel van de vordering wordt daarom afgewezen.
Incassokosten
2.6.
De buitengerechtelijke incassokosten komen voor vergoeding in aanmerking, maar de hoogte daarvan moet worden berekend over de toe te wijzen hoofdsom van € 2.597,87. Dit betekent dat, gelet op artikel 4.8 van de algemene leasevoorwaarden, een bedrag van
€ 389,68 wordt toegewezen.
Rente
2.7.
De wettelijke handelsrente die is gevorderd en waarvan de verschuldigdheid niet is betwist, wordt toegewezen als hierna vermeld.
Proceskosten
2.8.
De proceskosten in deze verzetprocedure zullen worden gecompenseerd omdat partijen over en weer in het ongelijk zijn gesteld. Dit betekent dat iedere partij de eigen kosten draagt. De kosten van de verstekprocedure blijven voor rekening van [gedaagde partij],
omdat vaststaat dat zij ten tijde van het verstekvonnis een betalingsachterstand had en nog steeds heeft. Lease Express was dus terecht een procedure gestart.
Uitvoerbaar bij voorraad
2.9.
Dit vonnis wordt, zoals verzocht, uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv)). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
vernietigt het verstekvonnis van deze rechtbank van 28 januari 2025 met zaaknummer 11486609 CV EXPL 25-800;
en opnieuw rechtdoende:
3.2.
veroordeelt [gedaagde partij] om aan Lease Express te betalen een bedrag van € 2.597,87 met de wettelijke handelsrente op grond van artikel 6:119a BW over dit bedrag vanaf de vervaldata van de facturen tot de dag dat volledig is betaald;
3.3.
bepaalt dat iedere partij de eigen kosten van de verzetprocedure draagt;
3.4.
veroordeelt [gedaagde partij] in de kosten van de verstekprocedure die aan de kant van Lease Express worden begroot op € 1.133,46 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf de vijftiende dag nadat dit vonnis is betekend tot de dag dat volledig is betaald;
3.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.6.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. V.F. Milders en in het openbaar uitgesproken.
53954