Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.De procedure
- de dagvaarding van 28 mei 2026, met producties 1 tot en met 26,
- de brief van Blasket aan de voorzieningenrechter van 2 juni 2026,
- het bericht van de voorzieningenrechter van 2 juni 2026,
- de brief van Spanje aan de voorzieningenrechter van 3 juni 2026,
- de brief van Blasket aan de voorzieningenrechter van 3 juni 2026,
- het bericht van 4 juni 2026 van de voorzieningenrechter,
- de akte houdende overlegging aanvullende producties van Spanje, met producties 27 tot en met 29,
- het bericht van 24 juni 2026 van de voorzieningenrechter, met daarin het bevel aan Blasket om haar eerder op die dag ingediende conclusie van antwoord in te korten tot maximaal 50 pagina’s,
- de brief van Spanje aan de voorzieningenrechter van 25 juni 2026,
- de akte houdende overlegging aanvullende producties van Spanje, met producties 30 tot en met 36,
- het bericht van 26 juni 2026 van de voorzieningenrechter,
- de (ingekorte) conclusie van antwoord, vorderingen in reconventie van Blasket, met producties 1 tot en met 80,
- de schriftelijke opmerkingen van de Commissie, met producties 1 tot en met 5,
- de incidentele conclusie tot tussenkomst, tevens houdende conclusie van antwoord in kort geding van de Staat, met producties 1 tot en met 7,
- de als akte tussenkomst aangeduide brief van Blasket van 29 juni 2026 met een voorwaardelijke vordering in reconventie,
- het bericht van de voorzieningenrechter van 29 juni 2026,
- de spreekaantekeningen van mrs. Krzeminski en Klein,
- de pleitnoties van mrs. Verkerk en Biezenaar,
- de pleitnota van [persoon A] en [persoon C] .
2.De feiten
Blasket(…)
als rechtsopvolger onder bijzondere titel(…)
van Eurus(…) voor deze zaak tot aan het uiteinde van de executie van na te melden titel woonplaats kiezende op de kantoren van gerechtsdeurwaarder [persoon D] aan de [adres 2] te [plaats 2] (…)
Het Koninkrijk Spanje, zonder bekende woonplaats of bekend werkelijk verblijf in Nederland,
BINNEN TWEE DAGEN NA HEDENaan de ten deze betekende titel te voldoen en mitsdien aan mij, (toegevoegd) gerechtsdeurwaarder, als houder der stukken, voor en ten behoeve van mijn rekwirant(e) tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen:
3.Het geschil
- het beslag, als dit niet reeds nietig wordt geacht, opheft,
- Blasket verbiedt de tenuitvoerlegging van de arbitrale vonnissen in Nederland, waaronder de executieverkoop van het pand, voort te zetten dan wel nieuwe of verdere executiemaatregelen te nemen, onder oplegging van een dwangsom van € 1 miljoen voor iedere overtreding van dat verbod, vermeerderd met € 250.000,00 voor ieder(e) dag(deel) dat de overtreding voortduurt,
- alle voorlopige maatregelen treft die zij geraden acht,
- Blasket veroordeelt in de proceskosten, vermeerderd met wettelijke rente.
De Europese Commissie en Europese Unie bevestigen dat de arbitrale vonnissen gewezen in de arbitrage met zaaknummer ICSID Case No. [dossiernummer] doeltreffend ten uitvoer moeten worden gelegd op het grondgebied van de Europese Unie", onder oplegging van een dwangsom van € 1 miljoen,
4.De beoordeling
the parties” en “
each party” de uitspraak moet nakomen. Artikel 54 lid 2 ICSID Pro-verdrag schrijft voor dat “
a party seeking recognition or enforcement” een door de secretaris-generaal van het ICSID gewaarmerkt afschrift van de beslissing aan het bevoegde gerecht moet overleggen. Hierin staat dus hier niet dat een cessie zoals hier aan de orde, niet kan of mag. Daar komt bij dat in “
a party seeking recognition or enforcement” ook een cessionaris kan worden gelezen. Het EHV verzet zich evenmin tegen overdracht. Partijen zijn het erover eens dat artikel 15 EHV Pro ziet op subrogatie en dat in dit geval (de rechtsgeldigheid van) een cessie van een vordering uit een arbitraal vonnis aan de orde is. De omstandigheid dat de cessie niet in het EHV geregeld is, rechtvaardigt niet de conclusie dat rechten die voortvloeien uit arbitrale vonnissen niet mogen worden overgedragen.
In the name of the King”. Voorafgaand aan de mondelinge behandeling heeft de voorzieningenrechter aan Blasket laten weten dat zij het origineel van de Engelstalige grosse van de beschikking ter zitting wilde zien. Tijdens de mondelinge behandeling hebben de advocaten van Blasket laten weten dat er geen Engelstalige grosse is. Zij hebben verklaard dat het stuk een Engelse vertaling van de verlofbeschikking betreft waarop een grossestempel is geplakt.
nietwelke stukken daarnaast aan Spanje zijn betekend. De deurwaarder heeft in het exploot geen feitelijke vaststelling gemaakt van de stukken die hij bij het exploot heeft gevoegd en evenmin van de stukken die hij in de envelop aan de ontvangende instantie in Spanje heeft gestopt. Daarvan levert het exploot, hoewel het een authentieke akte is, dus geen dwingend bewijs op. Dat betekent dat de voorzieningenrechter niet met zekerheid kan vaststellen welke stukken aan de ontvangende instantie zijn gezonden. Zij acht echter voldoende aannemelijk dat het door Spanje overgelegde exploot en de bijlagen de stukken betreffen die aan Spanje zijn betekend, ook omdat Blasket dit niet voldoende gemotiveerd betwist. Blasket heeft zelf ook geen kopie van de betekende bijlagen in het geding gebracht. Voor de verdere beoordeling wordt daarom uitgegaan van de door Spanje als productie 2 overgelegde betekeningsstukken.
is specifically in use or intended for use by the State for other than government non-commercial purposes”.
Samruk-arrest heeft de Hoge Raad overwogen dat de immuniteit van executie niet beperkt is tot goederen waarvan de onmiddellijke bestemming een publieke is. [8] Daarbij is in het midden gelaten welk criterium dan wel moet worden toegepast. In de feitenrechtspraak van na dit arrest wordt niet langer (uitsluitend) de onmiddellijke bestemming bepalend geacht. [9] Daarin lijkt het erom te draaien dat de schuldeiser aantoont dat er ook geen uiteindelijke, publieke bestemming is. Daarmee wordt bedoeld dat de opbrengst van de activiteiten niet op enig moment wordt gebruikt voor staatsdoeleinden, maar uitsluitend wordt aangewend voor commerciële activiteiten.