ECLI:NL:RBSGR:2001:AB1991
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Bewaring vreemdeling wegens gebruik vals paspoort en onrechtmatige bewaring beëindigd met schadevergoeding
Eiser, een vreemdeling zonder geldige verblijfsstatus, werd aangehouden bij poging tot uitreis met een vals paspoort. Verweerder stelde hem op grond van artikel 26 Vreemdelingenwet Pro in bewaring wegens onttrekkingsgevaar. De rechtbank oordeelde dat de bewaring aanvankelijk gerechtvaardigd was vanwege het strafbare karakter van de uitreis.
Eiser gaf later te kennen Nederland vrijwillig te willen verlaten en beschikte over zijn paspoort en vliegticket. Verweerder weigerde echter de bewaring te beëindigen, ondanks dat aan de voorwaarden van artikel 26, tweede lid, Vw was voldaan. De rechtbank stelde vast dat de bewaring vanaf 8 januari 2001 onrechtmatig was.
De rechtbank kende eiser een schadevergoeding toe van ƒ 200,- per dag dat hij ten onrechte werd vastgehouden en veroordeelde verweerder in de proceskosten. Het belang van de openbare orde rechtvaardigde aanvankelijk de bewaring, maar niet de voortzetting na vrijwillige vertrekmelding.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open voor het deel over schadevergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter W.J. van Bennekom op 27 februari 2001.
Uitkomst: Bewaring was aanvankelijk gerechtvaardigd maar onrechtmatig voortgezet; eiser krijgt schadevergoeding en proceskosten toegekend.