ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5863
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening wegens onvoldoende onderbouwd binnenlands vestigingsalternatief voor Reer Hamar in Somalië
Verzoeker, behorend tot de bevolkingsgroep Reer Hamar uit Somalië, betwist de weigering van verlenging van zijn voorlopige vergunning tot verblijf (vvtv). De staatssecretaris baseerde het beleid op een ambtsbericht van 16 februari 2000, waarin werd gesteld dat de Reer Hamar een veilig binnenlands vestigingsalternatief in Puntland hebben. Verzoeker voert aan dat dit ambtsbericht onvoldoende informatie bevat over de situatie elders in Somalië en dat er aanwijzingen zijn dat een menswaardig bestaan in Puntland niet gegarandeerd is.
De president van de rechtbank overweegt dat het ambtsbericht summier is en geen duidelijk onderscheid maakt tussen de Reer Hamar en andere bevolkingsgroepen waarvoor het vvtv-beleid wel gehandhaafd blijft. Daarnaast wijzen rapporten van UNHCR en Amnesty International op ernstige problemen in Puntland, waaronder discriminatie en beperkte voorzieningen, waardoor het bestaan van een binnenlands vestigingsalternatief twijfelachtig is.
Daarom oordeelt de president dat de staatssecretaris onvoldoende heeft onderbouwd dat een veilig alternatief bestaat en dat het bezwaar van verzoeker een redelijke kans van slagen heeft. De voorlopige voorziening wordt toegewezen, waardoor uitzetting wordt opgeschort totdat op het bezwaar is beslist. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht vergoed.
De uitspraak is gedaan door de fungerend president mr W.J.A.M. van Brussel op 20 september 2001.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en uitzetting wordt opgeschort totdat op het bezwaar is beslist.