ECLI:NL:RBSGR:2001:AD7554
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank vernietigt afwijzing vluchtelingenstatus Reer Hamar wegens onvoldoende motivering en hoorplichtschending
Eisers, Somalische staatsburgers behorend tot de Reer Hamar stam, dienden in 1999 een aanvraag in voor toelating als vluchteling. Hun verzoeken werden door verweerder afgewezen op grond van kennelijke ongegrondheid, zonder hen te horen in bezwaar. De rechtbank oordeelt dat de afwijzing niet zonder meer kan worden aangenomen als kennelijk ongegrond, mede gelet op de verklaring van eisers over discriminatie, afpersing en plundering vanwege hun etnische afkomst.
De rechtbank verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is vastgesteld dat individuele leden van de Reer Hamar als vluchteling kunnen worden aangemerkt bij geringe aanwijzingen van vervolging gerelateerd aan etnische afkomst. Verweerder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom de bezwaren kennelijk ongegrond zouden zijn en heeft nagelaten de eisers te horen, wat in strijd is met de hoorplicht.
Daarnaast roept het ambtsbericht over de situatie van de Reer Hamar vragen op vanwege tegenstrijdige informatie over de mate van bescherming door lokale autoriteiten. De rechtbank beveelt een nadere motivering van het beleid in het nieuwe besluit op bezwaar. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de bestreden besluiten en beveelt nieuwe besluitvorming. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de bestreden besluiten worden vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot nieuwe besluitvorming en proceskostenvergoeding.