ECLI:NL:RBSGR:2001:AD8242
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op verblijfsvergunning wegens verstrekken onjuiste gegevens in Iraanse zaak
Eiser, een Iraanse asielzoeker, verzocht om een verblijfsvergunning op grond van het driejarenbeleid (TBV 1999/22). De aanvraag werd geweigerd vanwege de contra-indicatie dat eiser onjuiste gegevens en/of documenten had verstrekt. Hoewel eiser stelde dat hij de documenten van zijn familie had gekregen en niet wist dat deze vals waren, oordeelde de rechtbank dat dit niet afdoet aan de weigering, omdat de stukken door eiser zelf waren ingebracht en hij de risico's draagt.
Eiser voerde tevens een beroep op het gelijkheidsbeginsel aan, stellende dat in meerdere gevallen ondanks de contra-indicatie toch vergunningen waren verleend. De rechtbank erkende dat er enkele afwijkingen waren, maar stelde dat deze niet leidden tot een bestendige gedragslijn die afweek van het beleid. Het percentage afwijkingen was relatief klein ten opzichte van het totaal aantal beslissingen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de vergunning heeft geweigerd en dat het beroep ongegrond is. Ook het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Er werden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.