ECLI:NL:RBSGR:2002:AE2670
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid COA en niet-tijdig beslissen staatssecretaris inzake beëindiging opvang asielzoekers
Eisers, Somalische asielzoekers, hebben hun opvang beëindigd zien worden door het COA op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers 1997 (Rva 1997). Zij stelden dat de brief van het COA waarin werd aangegeven geen bevoegdheid te hebben de opvang te hervatten, als een besluit met rechtsgevolg moest worden aangemerkt. Tevens verzochten zij de staatssecretaris van Justitie om toepassing van het buiten-schuldcriterium, zodat opvang hervat zou kunnen worden.
De rechtbank oordeelde dat de brief van het COA slechts een uitvoeringshandeling betrof zonder rechtsgevolg en niet als een voor beroep vatbaar besluit kon worden gezien. De Rva 1997, het Stappenplan 2000 en de jurisprudentie bevestigen dat het COA geen zelfstandige bevoegdheid heeft tot het nemen van een beëindigingsbesluit; deze ligt bij de staatssecretaris.
Ten aanzien van het niet-tijdig beslissen van de staatssecretaris op het verzoek om toepassing van het buiten-schuldcriterium stelde de rechtbank vast dat het beroep ontvankelijk was en dat de staatssecretaris in strijd met artikel 4:13 Awb Pro niet binnen een redelijke termijn had beslist. Daarom werd het beroep gegrond verklaard en werd de staatssecretaris opgedragen binnen zes weken alsnog een besluit te nemen.
De rechtbank zag geen aanleiding tot inhoudelijke beoordeling van het besluit en wees het beroep tegen de brief van het COA af wegens niet-ontvankelijkheid. Het vonnis werd uitgesproken door rechter C.H. Rombouts op 15 februari 2002.
Uitkomst: Het beroep tegen de brief van het COA is niet-ontvankelijk verklaard, het beroep tegen het niet-tijdig beslissen van de staatssecretaris is gegrond verklaard met een opdracht tot besluitvorming binnen zes weken.