ECLI:NL:RBSGR:2002:AE5239
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op overschrijding 48-uurstermijn AC-procedure asielaanvraag
Verzoekster, afkomstig uit China, diende een asielaanvraag in binnen de AC-procedure op Schiphol. Zij stelde dat de 48-uurstermijn voor behandeling was overschreden omdat een deel van de wachttijd bij de Koninklijke Marechaussee (KMAR) als procesuren moest worden gerekend. Volgens haar was zij pas 30 uur na kennisgeving van haar intentie tot asielaanvraag naar het AC overgebracht vanwege capaciteitsproblemen bij de IND.
De rechtbank oordeelde dat de wachttijd bij de KMAR niet meetelt als procesuren in de zin van het Vreemdelingenbesluit 2000 en dat de 48-uurstermijn pas start bij aanvang van de procedure in het AC. De feitelijke procedure in het AC duurde minder dan 48 procesuren. Daarnaast vond de rechtbank geen onzorgvuldigheid in het niet afwachten van de zienswijze van verzoekster, aangezien zij geen inhoudelijke bezwaren had ingebracht.
De rechtbank concludeerde dat de aanvraag terecht binnen de AC-procedure was afgehandeld en dat het beroep ongegrond was. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd eveneens afgewezen wegens gebrek aan belang. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van verzoekster tegen de afwijzing van haar asielaanvraag binnen de AC-procedure is ongegrond verklaard.