ECLI:NL:RBSGR:2002:AE6560
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek opvang bij herhaalde asielaanvraag wegens schrijnende omstandigheden
Verzoekers, een gezin uit Turkije met een minderjarig kind jonger dan een jaar, dienden meerdere asielaanvragen in die telkens niet-ontvankelijk werden verklaard. Na een telefonische derde aanvraag en verzoek om opvang ontving het gezin een brief van het COA dat hun opvang werd beëindigd en ontruiming zou volgen.
De rechtbank oordeelde dat het verzoek om opvang ontvankelijk was, omdat verzoekers redelijkerwijs mochten aannemen dat het COA negatief had beslist over hun opvangverzoek. Volgens de vreemdelingencirculaire geldt dat bij schrijnende humanitaire omstandigheden, zoals gezinnen met kinderen jonger dan een jaar, de IND het COA adviseert opvang te verlenen.
De voorzieningenrechter stelde vast dat verzoekers zich conform het beleid hadden aangemeld voor de herhaalde aanvraag en dat het feit dat de aanvraag pas later in behandeling werd genomen niet voor hun rekening mocht komen. Gezien het jonge kind was opvang toewijsbaar. De rechtbank bepaalde dat het COA opvang moest bieden tot de schriftelijke indiening van de aanvraag en nadien volgens het beleid.
Daarnaast werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Verzoekers krijgen opvang toegewezen tot de schriftelijke indiening van de herhaalde asielaanvraag en daarna volgens het beleid.