ECLI:NL:RBSGR:2002:AE6575
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling juiste ingangsdatum verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd voor Sierraleoonse asielzoekster
Eiseres, een Sierraleoonse asielzoekster, kreeg een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd met ingang van 1 juni 2001. Zij stelde dat de ingangsdatum eerder had moeten zijn, namelijk de datum van haar melding bij de autoriteiten in november 2000, omdat het beleid van categoriale bescherming ten aanzien van Sierra Leone eerder had moeten ingaan.
De rechtbank oordeelde dat eiseres wel degelijk belang had bij de beoordeling van de juiste ingangsdatum, omdat deze datum gevolgen heeft voor het moment waarop een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd kan worden aangevraagd. De rechtbank constateerde dat de Staatssecretaris geen voldoende motivering gaf voor de bijna acht maanden durende periode tussen het ambtsbericht van 3 oktober 2000 en de invoering van het beleid op 1 juni 2001.
Verweerder stelde dat de beleidsvrijheid het toeliet om de ingangsdatum op 1 juni 2001 te leggen, maar kon ter zitting geen afdoende verklaring geven voor de lange termijn. De rechtbank vond dit onvoldoende en stelde dat de beoordelings- en beleidsvrijheid niet zo ver reikt dat geen onderbouwing van het moment van invoering van het beleid hoeft te worden gegeven.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat binnen acht weken een nieuw besluit moet worden genomen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot verlening van de verblijfsvergunning met ingang van 1 juni 2001 wordt vernietigd vanwege onvoldoende motivering van de ingangsdatum.