ECLI:NL:RBSGR:2002:AE6981
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op schadevergoeding wegens onrechtmatige verstrekking strafdossier
Eiser stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen van verweerder op zijn bezwaarschrift en tegen de afwijzing van zijn verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatige verstrekking van stukken uit zijn strafdossier aan de Deken van de Orde van Advocaten.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk is omdat verweerder inmiddels op het bezwaar heeft beslist. Het beroep tegen het besluit tot afwijzing van schadevergoeding is ontvankelijk, maar ongegrond. De rechtbank stelt vast dat het besluit tot verstrekking van stukken onrechtmatig was, maar dat de door eiser gestelde schade aan eer en goede naam en omzetderving niet het gevolg is van dit besluit, maar vooral van de strafzaak en tuchtrechtelijke procedures die al sinds 1996 spelen.
Verder overweegt de rechtbank dat schadevergoeding alleen kan worden toegekend voor schade die rechtstreeks door het onrechtmatige besluit is veroorzaakt. De kosten van rechtsbijstand in de WOB-procedure boven het reeds toegekende bedrag worden niet toegewezen omdat eiser deze niet tijdig in bezwaar heeft aangevoerd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot afwijzing van schadevergoeding wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van causaal verband tussen het onrechtmatige besluit en de gestelde schade.